Nico de Boer Teksten

Nico de Boer Teksten

Beweeg over de plank met de pijltjes op het toetsenbord, of zoek direct op een titel of auteur:

Alleen een maagd kan de eenhoorn temmen

De eenhoorn is een van de bekendste fabeldieren. Sinds de Griekse arts en historicus Ctesias er vier eeuwen voor Christus voor het eerst over schreef, is de eenhoorn met zijn lange dunne witte hoorn die midden uit zijn voorhoofd groeit, de fantasie van publiek, schrijvers, filmers en beeldend kunstenaars blijven prikkelen.

 

De documentaire ‘Op zoek naar de eenhoorn’ (‘La quête à la licorne’) van Emmanuel Laurent gaat dieper in op de geschiedenis van dit fascinerende wezen. Een wezen met geheimzinnige krachten waarvan Julius Caesar beweerde dat hij hem had bereden en waarvan Marco Polo zei dat hij hem op zijn ontdekkingsreizen door China had gezien. Eenhoornhoorns waren indertijd vanwege hun vermeende geneeskrachtige werking kapitalen waard. Vorstenhuizen betaalden er grof geld voor, want de grootste vrees van koningen was vergiftigd te worden.

Maar de Griek Ctesias komt de eer toe de eenhoorn ‘ontdekt’ te hebben. Aan het hof van de Perzische koning tekende hij de verhalen op die hij over het dier hoorde van Indiase reizigers. In (oude vertalingen van) de Bijbel wordt het dier wel acht keer genoemd, maar tot bloei kwam de mythe pas in de Middeleeuwen. In die tijd zag men het fabeldier als een bokje, buitengewoon gezwind, met een ivoren hoorn in het midden van zijn kop, dat elke jager te vlug af was. De eenhoorn werd nadien ook wel gezien als een soort neushoorn, maar behalve dat die ook één hoorn heeft, voert het te ver om dit dier lichtvoetig en gracieus te noemen.

Het liefst zagen de mensen de eenhoorn als een fier en machtig edel dier, zo groot als een paard. De eenhoorn was echter niet te temmen en te vangen, tenzij hij – als kerkelijk symbool van kuisheid en reinheid – zijn kop op de schoot van een maagd legde. Als hij haar rook of zag, benaderde hij haar schichtig en vlijde zich slaafs neer aan haar voeten. De documentaire opent met dit aansprekende, wat afgezaagde beeld. Een jonge maagd wordt in een even donker als romantisch bos bezocht door een glanzend witte eenhoorn die veel weg heeft van een trots paard. De christelijke interpretatie hiervan is ‘dat het moment waarop de eenhoorn naar de maagd vlucht en zij de hoorn van het dier aanraakt het moment is van de maagdelijke bevruchting van Maria’.

De film vertelt in beeldende verhalen over de eindeloze mythen over dit fabeldier, waarvoor naar musea in Parijs, New York, Duitsland en Denemarken wordt gereisd. Indrukwekkend is, in het Metropolitan Museum of Art in New York, de zaal vol mysterieuze middeleeuwse tapijten die taferelen uit de legende van de eenhoorn verbeelden.

Vroeger waren de mensen ervan overtuigd dat de eenhoorn bestond. Reizigers en zeelieden kwamen met sterke verhalen thuis, soms met een ‘echte hoorn van een eenhoorn’. Maar dat was nog geen bewijs en voedde steeds meer de twijfel. Wie echter denkt dat de eenhoorn zijn magie verloren heeft vergist zich. Hij verschijnt nog altijd in boeken en films (Harry Potter), in speelgoed en in de vorm van hebbedingetjes. Hij is er alleen maar raadselachtiger op geworden.

En er duiken nog steeds verhalen op als zou hij echt bestaan. Verwonderlijk? Misschien. Maar er zijn ook nog steeds mensen die de yeti of de verschrikkelijke sneeuwman ergens in Tibet hebben gezien of die de hemel afspeuren naar ufo’s en overtuigd zijn van het bestaan van buitenaardse wezens. Of die naar het Schotse Loch Ness trekken om uit te vissen of het monster het meer nog altijd onveilig maakt.

 

Mei, 2010

UA-37394075-1