Nico de Boer Teksten

Nico de Boer Teksten

Beweeg over de plank met de pijltjes op het toetsenbord, of zoek direct op een titel of auteur:

Bij Philip Roth is Alleman een vrolijke klodderaar

Het gitzwarte omslag dat oogt als een grafzerk laat er geen misverstand over bestaan: ‘Alleman’ (2006) van Philip Roth (1933, New Jersey), is een boek over de dood. Hierin worstelt een man met lichamelijk verval en zijn sterfelijkheid.

 

‘Een nieuwe Roth’ – het is zijn zevenentwintigste roman – is nog altijd een literaire gebeurtenis van formaat. Bijzonder is bovendien dat de Nederlandse vertaling eerder verschijnt dan de Amerikaanse uitgave. Roth is hierin trouwens niet uniek, want andere grote schrijvers als J.M. Coetzee (‘Langzame man’) en Salman Rushdie (‘Shalimar de clown’) gingen hem daarin reeds voor.

‘Alleman’ is de zoveelste proeve van meesterschap van de veelgelauwerde Amerikaanse schrijver en ‘eeuwige’ Nobelprijskandidaat Philip Roth, die al jaren leeft als een literaire monnik. Maar verwacht geen verbijsterende, hilarische en choquerende roman als ‘Portnoy’s complaint’ (‘Portnoy’s klacht’), de overrompelende, scandaleuze roman waarmee Roth eind jaren zestig wereldroem verwierf, of een rabelaisiaanse roman als ‘Sabbath’s theatre’. Verwacht ook geen literair experiment als ‘De borst’, noch een grote roman als ‘American pastoral’ of ‘The human stain’ (‘De menselijke smet’), waarin de schrijver de Amerikaanse (moderne) geschiedenis fileert en de ballon doorprikt die ’de Amerikaanse droom’ heet.

Hoe eigentijds (en universeel) ‘Alleman’ ook moge zijn, de politiek of actualiteit speelt erin geen rol van betekenis. De naam van Bush valt geen enkele keer, aan de islam wordt geen letter gewijd en ook aan ’11 september’ wordt nauwelijks gerefereerd. Wel is er de vertrouwde thematiek van Roth: de joodse achtergrond, de hypocrisie van de puriteinse Amerikaanse samenleving, de verhouding tussen vader en zoon, de onmogelijke ontsnapping aan het verleden, de ongeremde honger naar seks om het verval tegen te gaan.

De titel ‘Alleman’ verwijst naar het allegorische, middeleeuwse moraliteitsspel ‘Elckerlyc’ of ‘Everyman’, waarin de levenden door De Dood ter verantwoording worden geroepen. ‘Alleman’ is losjes op dit toneelspel uit de vijftiende eeuw gebaseerd. Het verhaal draait om het gewone leven van een gewone Amerikaan van Joodse afkomst wiens vader een eigen zaak dreef onder de naam Alleman Juweliers. Hij laat zijn ambitie om schilder te worden varen en kiest voor een goed betaalde baan bij een reclamebureau. Zijn drie huwelijken zijn een fiasco. Zijn twee wrokkige zoons uit zijn eerste huwelijk dragen hem zijn leven lang zijn scheiding van hun moeder na. Ze beschouwen hun vader als een oplichter, een mislukkeling, een ,,achterbakse, lichtzinnige, onverantwoordelijke, onvolwassen seks-avonturier”. Ze noemen hem, als hij op zijn oude dag weer de schilderkwast ter hand neemt, geringschattend ‘de vrolijke klodderaar’.

Meer warmte ontmoet hij bij zijn onbaatzuchtige dochter uit zijn tweede, door hemzelf verprutste huwelijk. Zij symboliseert voor hem alles wat het bestaan zin en schoonheid geeft: ,,Eigenlijk bleef hij zich altijd zorgen om haar maken, en hij begreep niet hoe hij aan zo’n kind was gekomen. (…) Maar er bestaan zulke mensen, opzienbarend goede mensen – wonderen, eigenlijk – en hij had het grote geluk dat een van die wonderen zijn eigen onkreukbare dochter was.”

Zijn tweede vrouw verruilt hij voor een jong Deens fotomodel, maar ook dit huwelijk strandt. Tenslotte verliest hij ook het contact met zijn ‘ideale broer’ en blijft hij alleen over. Hij slijt zijn oude dag aan de Amerikaanse westkust, waar hij de onverdraaglijke eenzaamheid het hoofd probeert te bieden door schildercursussen te geven aan andere gepensioneerden.

Maar ontsnappen aan de dood is zijn ,,voornaamste bezigheid” geworden. Oud worden blijkt geen strijd maar een ‘slachting’. Niet alleen de (anonieme) hoofdpersoon krijgt met fysieke aftakeling te maken, om hem heen raken ook dierbaren, oud-collega’s en vrienden ten prooi aan fysiek ongemak, verval en dan de dood, die zoals in ‘Elckerlyc’ in zekere zin als de ware hoofdpersoon van deze roman kan worden aangemerkt.

In zijn roman lijmt Roth de scherven aan elkaar van een even bewogen als alledaags leven. Zo ontstaat het beeld van een man die ieders buurman zou kunnen zijn. Een op het oog keurige, weldenkende burger wiens leven een aaneenschakeling is van blind onbegrip, stommiteiten, domme leugens, roekeloze passie en primitieve afgunst. Een leven van vergeten successen en eindeloos nagedragen miskleunen. Hij is iemand geworden die hij niet wilde zijn, bij de een geliefd, door de ander verguisd. In het aangezicht van de dood probeert hij met zichzelf in het reine te komen in het harde besef dat de pijn die hij anderen heeft aangedaan niet ongedaan gemaakt kan worden.

Hij verzoent zich uiteindelijk met zijn lot voordat de dood hem, toch nog onverwacht, als een sluipmoordenaar, komt halen. Het verschil met ‘Elckerlyc’ is dat er voor Roths antiheld geen God is aan wie hij rekenschap kan afleggen. Hij gelooft immers niet. Hij staat volstrekt afwijzend tegenover de ,,hocus pocus over de dood en God, of achterhaalde fantasieën over de hemel. We hadden alleen maar onze lichamen”.

Verhaaltechnisch steekt de roman vernuftig in elkaar, alle draadjes worden keurig aan elkaar geknoopt, begin en einde sluiten feilloos op elkaar aan. Het verhaal is soms schrijnend, soms ontroerend en beklemmend, dan weer hilarisch, en geschreven in een even sobere als gedragen stijl. ‘Alleman’ van Philip Roth is een warm menselijk boek waar de asem van De Dood ijzig doorheen blaast.

 

Philip Roth: ‘Alleman’ (‘Everyman’). Vertaling Ko Kooman. Uitgeverij De Bezige Bij, 208 blz.

 

April 2006

UA-37394075-1