Nico de Boer Teksten

Nico de Boer Teksten

Beweeg over de plank met de pijltjes op het toetsenbord, of zoek direct op een titel of auteur:

Boeken om je aan te warmen

Niet alleen omdat ik graag in het gezelschap van boeken verkeer, maar ook omdat het ijzig koud was, ook in de hal van het Centraal Station van A’dam, glipte ik de weldadig warme Ako-kiosk binnen. Ik was daar niet de enige die zich warmde aan nieuwe boeken, of beter gezegd, aan de stapels recente bestsellers en de goedkopere uitgaven van oudere verkoopsuccessen. We draaiden met z’n allen zo’n beetje om elkaar en de tafels met boeken heen, alsof we heimelijk een stoelendans uitvoerden. Totdat ik tegenover me een volslanke vrouw resoluut en met welluidende stem hoorde zeggen: ‘Ik houd niet van verhalen.’ Ze legde fluks een boek op de stapel terug alsof ze in een vieze substantie had gegrepen.

Ik kon van een afstandje niet vaststellen welk boek ze van welke schrijver misprijzend had teruggelegd, maar haar woorden intrigeerden me. Ze had ze op een ferme, haast triomfantelijke toon uitgesproken. Ik maakte eruit op dat de vrouw niet alleen neerbuigend deed over het genre, maar zich daar bovendien op liet voorstaan, alsof zíj tenminste smaak had en zich onledig hield van iets wat ze van een bedenkelijk allooi achtte.

Ik had de neiging om haar ferm tegen te spreken, door te zeggen, mevrouw, u weet niet wat u mist!, wat de zinsnede ‘u weet niet waarover u het heeft’, die mij voor op de tong lag, de pas afsneed. Ik wilde wijzen op de vele meesters op de korte baan, van Maupassant en Toergenjev via Kafka, Scott Fitzgerald en Hemingway naar Carver en Alice Munro, Hotz en Campert, maar ik bedwong mezelf om niet betweterig, snobistisch, hautain of bemoeizuchtig over te komen. Mijn jongere en brutalere versie, die nog vol idealistisch elan was, zou destijds heel wat minder moeite hebben gehad om haar er fijntjes op te wijzen dat verhalen (vertellen) de bron van onze beschaving vormen, dat de meesters van het genre in een tijdsbestek van nog geen dertig bladzijden een wereld kunnen oproepen die menig dikke populaire roman doet verbleken en zo voorts.

Misschien bedoelde ze gewoon te zeggen dat ze liever een dik boek las om daar weken, zo niet maanden genoeglijk in te kunnen zwelgen en zwijmelen en dat (korte) verhalen haar in het verleden te vaak hadden teleurgesteld. Maar toen ze bij de uitgang haar bontkraag hoog opzette, een uitdagende en smalende blik op ons en al die stapels boeken wierp, en met haar metgezel de kiosk verliet, begreep ik dat ik er weer veel te veel achter gezocht had. Al die boeken en al die prachtverhalen waar ik zo vol van was, konden haar niets schelen, niets. Ze was alleen maar naar binnen gelopen om zich hier te warmen.

 

Januari, 2013 

UA-37394075-1