Nico de Boer Teksten

Nico de Boer Teksten

Beweeg over de plank met de pijltjes op het toetsenbord, of zoek direct op een titel of auteur:

Charlotte Mutsaers: de grillige fantasie van een nachtzwaluw

Het is bij Charlotte Mutsaers (1942) alles of niets. De excentrieke schrijfster, bekroond met de P.C. Hooft-prijs 2010 voor haar verhalend proza, is een multitalent. Ze schrijft en schildert, bespeelt de accordeon en beschikt over talloze andere opmerkelijke talenten.

Ze kan zowel in spiegelschrift als gewoon schrift schrijven en praat en zingt net zo gemakkelijk voor- en achteruit. Dat is geen gave, ze heeft zich dat op jonge leeftijd zelf aangeleerd. Zo origineel, tegendraads en kleurrijk als zij zelf is, zo is ook haar werk. Niet alleen haar nu bekroonde proza, ook haar beeldende werk, dat een verfrissende vorm van nieuwe figuratie is. Het is kleurrijk en speels, afstandelijk en ironisch, en soms nadrukkelijk primitief en naïef.

Ze kantelt de werkelijkheid, zodat je als lezer of toeschouwer net even anders tegen de dingen aankijkt. Ze stelt in haar werk prikkelende vragen als: is een ui met één rok nog een ui? Wanneer wordt een boom een plank? Waarom houden veel beeldhouwers meer van een torso dan van de hele mens? Is Kuifje zonder haar nog wel Kuifje? En ze grossiert in aforismen als ‘Van alles wat men u ooit leerde, geldt evenzeer het omgekeerde’.

Door haar spontaniteit en aparte gevoel voor humor krijgt ze gemakkelijk de lachers op de hand. ,,Al ben ik gewoon een ernstig iemand.” Ze doet nooit zomaar iets. Het is bij haar alles of niets. Fictie of literatuur is bij haar geen kwestie van mooie verhaaltjes verzinnen, maar vorm geven aan het leven.

 

‘Als zachtmoedige staat er maar één weg

voor je open: hard worden, bikkel-, bikkelhard.’

 

Charlotte Mutsaers is een excentrieke persoonlijkheid, zoals ook veel van haar (roman)personages excentrieke figuren zijn, bij wie de buitenwereld wel hard naar binnen dringt. En om die te weerstaan, is het noodzakelijk om je te wapenen, zoals ze schrijft ze in haar grote roman ‘Koetsier Herfst’ (2008): ‘Als zachtmoedige staat er maar één weg voor je open: hard worden, bikkel-, bikkelhard.’

Mutsaers woont met publicist Jan Fontijn en haar foxterriër afwisselend in Amsterdam, Frankrijk en Oostende. Ze is weinig honkvast omdat ze, zoals ze zelf zegt, een sterk besef van eindigheid heeft. Je kunt het leven niet verlengen, maar door telkens elders te wonen, kun je het volgens haar wel verbreden. In haar wereld zijn de dingen en de dieren even belangrijk als de mensen. Ze is haast onafscheidelijk van haar lievelingsdier, een foxterriër, die figureert in veel van haar werk. Ze is allergisch voor dierenleed en voert er een onafgebroken strijd tegen. Die verheerlijking en vereenzelviging van dieren zat er al vroeg in. Zo deelde ze de wieg met een hondje en deed ze haar huiswerk op de rug van een paard. ,,Ik kwam erachter dat de dieren met wie ik omging in geen enkel opzicht minderwaardig waren,” zei ze. En hoewel ze zich verder niet met de actieve politiek inlaat, stond ze bij de voorlaatste Tweede Kamerverkiezingen op de kieslijst van de Partij voor de Dieren.

 

 

,,Ik had het idee dat mijn moeder

niet van me hield en dat is heel erg.”

 

In haar werk grijpt ze geregeld terug op haar jeugd, die deels gelukkig was, maar ook diepe wonden sloeg. Schuldbesef is een van haar thema’s. Het heeft te maken met de Tweede Wereldoorlog. ,,Mijn vader heeft geen juiste politieke keuze gemaakt en dat beïnvloed je natuurlijk,” zei ze daarover. De wond is nooit helemaal genezen. ,,Omdat hij schuldig is mag ik eigenlijk niet van hem houden. Toch houd ik van hem.”

De relatie met haar moeder was moeizaam: ,,Ik had het idee dat mijn moeder niet van me hield en dat is heel erg.” Dat thema werkte ze uit in de roman ‘Rachels rokje’ (1994), die gaat over de liefde tussen een jong meisje en een veel oudere leraar. Het beeldverhaal ‘De markiezin’ (1989) is een eigengereide roman over een vrouw die in een grillige dialoog met een vriendin de verhouding met haar ouders blootlegt.

Haar romans zijn min of meer een verlengde van haar speelse essaybundels als ‘Paardejam’ (1996) en ‘Zeepijn’ (1999). Daarin snijdt ze van alles aan, of dat nu schrijvers uit de ‘C-familie’ zijn, geluid is dat je kunt zien, Cornelis Lely of de ontdekking van de geheimen van de taal.

 

Haar meesterwerk is ‘Koetsier Herfst’, in 2009 dé favoriet voor de Libris Literatuur Prijs, die de Vlaming Dimitri Verhulst in de wacht sleepte. Het boek gaat over de gedoemde liefde van de Amsterdamse schrijver Maurice Maillot en de militante dierenactiviste Do, een excentrieke vrouw met merkwaardige gewoontes en seksuele voorkeuren als plasseks. De roman is geschreven in de typische, springerige en prikkelende Mutsaers-stijl. Hierin krijgt de grillige fantasie van de nachtzwaluw die langs de taal scheert – een omschrijving van haarzelf – alle ruimte.

Het boek, met een grote bijrol voor de mobiele telefoon, werd enthousiast besproken. Het was tegelijk omstreden door de opvallende rol voor de onheilspellende figuur van Bin Laden. Bovendien werd Mutsaers, voor wie tijdens het schrijven de hardrockgroep Guns N’ Roses een van de inspiratiebronnen vormde, tot haar ontzetting aangesproken op de ‘vrijpostigheid’ in ‘Koetsier Herfst’. ,,Er waren mensen die zeiden, Het is toch schandalig, de seks die erin voorkomt en dat voor een vrouw van 68… Toen dacht ik, wat krijgen we nou? Word ik vanwege mijn leeftijd nu gediscrimineerd? Maar goed, ik hoor het met belangstelling aan. Ik lach er maar wat om.”

 

mei, 2010

 

UA-37394075-1