Nico de Boer Teksten

Nico de Boer Teksten

Beweeg over de plank met de pijltjes op het toetsenbord, of zoek direct op een titel of auteur:

Daniel Mendelsohn zoekt ‘zes van de zes miljoen’

De Amerikaanse schrijver Daniel Mendelsohn (1960) geeft familieleden die spoorloos verdwenen tijdens de Holocaust een stem in ‘Verloren. Op zoek naar zes van de zes miljoen’. In zijn boek krijgt een ‘persoonlijke voetnoot’ bij de Shoah een universele dimensie. ,,Zou jij kinderen redden of een moordenaar zijn?’’

 

Op zoek naar verloren gezin

 

In 2006 verscheen ‘The Lost. In search for six of six million’ in de Verenigde Staten van Amerika, waar het uitgroeide tot een bestseller. Een jaar later volgde de Nederlandse vertaling van dit meeslepende en soms huiveringwekkende boek waarin een New Yorker van joods-Poolse afkomst het lot beschrijft van zijn oudoom Sjmiël Jäger, een vleeshandelaar, zijn vrouw Ester en hun vier dochters die door de nazi’s werden vermoord.

Zij woonden in Bolechow, dat na het uiteenvallen van de Oostenrijks-Hongaarse dubbelmonarchie tot 1939 Pools was, daarna werd bezet door de Sovjets en in juni 1941 in Duitse handen viel. Nu ligt het als Bolechiv in Oekraïne. Andere familieleden waren in de jaren voor WO II door het toenemende antisemitisme al naar de Verenigde Staten geëmigreerd.

Symbool

Wat betekent de naam Bolechow voor u?

,,Voor mij klonk die lange tijd als een mythe, zoals Atlantis of shangri-la’’, vertelt Mendelsohn, een bevlogen, tengere man, die op zijn Europese promotietournee een paar dagen Amsterdam aandeed. ,,Nu ik weet hoe het werkelijk was, staat Bolechow voor mij symbool voor de Jodenvervolging, voor de Shoah, voor duizenden andere plaatsen waar hetzelfde gebeurd is. In 1941 telde het zo’n 6000 joden. In 1944, toen de Sovjets het ‘bevrijdden’, waren er 48 van over. In Amerika schrikt men daarvan, is men diep onder de indruk, dieper dan wanneer je grote aantallen noemt. Zes miljoen is te abstract. En alle schrijvers weten dat hoe specifieker je bent des te universeler het wordt. Ik beschrijf het noodlot en de verschrikkingen van de Holocaust zoals die aan den lijve werd ondervonden door een gewoon gezin. Iedereen kan zich daarmee wel vereenzelvigen.’’

Verloren’ opent indringend. Mendelsohn beschrijft dat wanneer hij als kind van zes à zeven jaar op gezette tijden een kamer binnenkwam bepaalde mensen spontaan begonnen te huilen. Pas later begreep hij waarom. Hij leek sprekend op zijn oudoom Sjmiël (Sam) Jäger die in de oorlog was omgekomen.

Was het niet vreselijk om zoiets als kind mee te maken?

,,Het joeg me niet zozeer vrees aan, het was eerder verwarrend. Tegelijk gaf het me een vreemd gevoel van verbondenheid met mijn onbekende oudoom, ver voordat ik begreep wat de Holocaust inhield en waarom hij en zijn gezin waren vermoord.’’

Het was het begin van een levenslange fascinatie en nieuwsgierigheid naar zijn familie en haar ‘verloren’ verwanten. ,,Ik begon als jongen met het verzamelen van informatie, foto’s, van alles. Als iemand naar de geboorte van een oudtante vroeg, kon ik de datum moeiteloos opdreunen. Voor de familie was ik een lopende encyclopedie. Alleen over oom Sjmiël en zijn gezin wist ik bijna niets. Ik kon de gedachte niet verdragen dat ik van zes namen geen data had, geen informatie, niets. Ik was geobsedeerd door het idee dat ze van de aardbodem waren verzwolgen en wilde koste wat koste weten wat er was gebeurd.’’

Omzwervingen

Uit boeken en later via internet had Mendelsohn, die classicus, professor en journalist is (The New York Times, New York Review of Books), een schat aan informatie verzameld. Daaruit wist hij hoe de nazi’s onder de joodse bevolking hadden huisgehouden. Om te achterhalen wat er precies met het gezin van zijn oudoom was gebeurd, moest hij echter zelf op pad. Dit leidde tot omzwervingen naar Bolechow, Sydney, Israël, Zweden en Denemarken. In zijn boek volgen we minutieus Mendelsohns odyssee.

Bent u uw ‘verloren’ familieleden uiteindelijk beter leren kennen?

,,Ze zijn nu meer dan een abstractie voor me. Het is als een foto waarop langzaam wordt ingezoomd. Het beeld is niet perfect, maar je ziet steeds meer. Mijn oudoom Sjmiël was een persoonlijkheid. Hij leek op mijn grootvader, een groot verteller op wie ik zeer gesteld was. Zijn dochter Fridka was een niet minder gedenkwaardige persoon. Je kunt haar vergelijken met zo’n meisje op de middelbare school dat iedereen zich twintig jaar later nog goed herinnert. Helaas heb ik op de moeder, Ester, en de jongste dochter Bronia weinig vat kunnen krijgen. Ik was graag meer over ze te weten gekomen, maar helaas is er niemand meer over die me over hen zou kunnen vertellen.’’

Morele oordelen

Wie over de Shoah spreekt, komt vanzelf op de ijle grens tussen goed en kwaad. Mendelsohn waakt er in zijn boek echter voor om morele oordelen te vellen. ,,Die kwestie kun je niet negeren, maar het ligt gecompliceerd. Waarom handelt iemand zoals hij heeft gedaan? Je denkt dat je alles weet en hebt gehoord, maar als je dan de Russische getuigenverslagen over de pogroms leest, ben je toch weer geschokt over hoe wreed mensen kunnen zijn. Het blijkt altijd nog erger te kunnen zijn. Ik heb erover nagedacht. Neem een willekeurige groep van duizend mensen, in Amsterdam, New York, Rusland of China, dat doet er niet toe. Een stuk of honderd daarvan blijken engelen te zijn, een stuk of honderd ontpoppen zich als duivels. En achthonderd mensen sluiten hun ogen en hopen er het beste van.’’

In uw boek merken overlevenden op: ‘De Oekraïners waren het allerergst.’

,,Je kunt niet zeggen dat het ene volk beter of slechter is dan het andere. Opvallend is dat elke jood die Bolechow heeft overleefd, gered is door een Oekraïner. Ik werd er ook warm ontvangen, aan mij wilden de Oekraïners hun verhaal wel kwijt. Een overlevende die in Tel Aviv woont, had heel andere ervaringen. Volgens hem waren ze zo gastvrij omdat ik een Amerikaan was. Toen hij in 1996 terugging naar Bolechow sloegen ze de deur voor zijn neus dicht. Sommigen, niet allemaal.’’

Flesje water

Een bezoek aan Auschwitz riep bij u gemengde gevoelens op, schrijft u.

,,We moeten de geschiedenis kennen. Het is goed om dergelijke historische plaatsen te bezoeken om er een indruk van te hebben. Maar concentratiekampen zijn ook plekken van lijden en dood, het zijn begraafplaatsen. Als ik de holocausttoeristen zie bekruipt me een dubbel gevoel. Toen ik er was, was het warm. Een jonge vrouw hoorde ik zeggen: ‘Als ik geen flesje water krijg, ga ik van mijn stokje!’ Toen dacht ik: is dit wat je uitgerekend hier te zeggen hebt, op een plek waar zoveel mensen écht stierven?’’

,,Europa staat dichter bij de verschrikkingen van de Shoah dan de VS waar heel veel mensen denken dat Auschwitz de Holocaust ís, dat hier alle joden zijn vergast of als dwangarbeider zaten. Zelfs veel Amerikaanse joden weten er weinig van. Amerikanen zijn erg naïef. In onze betrekkelijk jonge geschiedenis zijn we, behalve recentelijk, nooit aangevallen of bezet door een vreemde mogendheid.’’

Daarom is de impact van 11 september zo groot?

,,Inderdaad. Amerikanen hebben een sterk geloof in de vaste waarden van hun beschaving. Maar er is weinig voor nodig om de hele zaak uit elkaar te laten vallen. Twee weken van honger, ziekte en geweld en mensen beginnen slecht gedrag te vertonen. Zo denken veel Holocaustoverlevenden er ook over. Hun vertrouwen in de menselijke natuur is nooit geheeld. Voor hen is het beangstigend dat er mensen zijn, revisionisten, die de Holocaust ontkennen of de wreedheden relativeren. Als ik in de metro zit, kan ik het niet laten om mensen te observeren en me af te vragen: wat zou jij in zo’n situatie doen? Zou jij kinderen redden? Mensen helpen onderduiken? Zou jij een moordenaar zijn?’’

 

Daniel Mendelsohn: ‘Verloren. Op zoek naar zes van de zes miljoen’. Aan de Nederlandse editie is een nawoord met nieuwe informatie toegevoegd. Vertaald door Ronald Vlek. Uitgeverij De Arbeiderspers, 560 bladzijden.

 

September, 2007

UA-37394075-1