Nico de Boer Teksten

Nico de Boer Teksten

Beweeg over de plank met de pijltjes op het toetsenbord, of zoek direct op een titel of auteur:

De cruciale jaren van de kluizenaar Piet Mondriaan

Piet Mondriaan (1872-1944) is de apostel van de abstracte moderne kunst, de goeroe van de rechthoek. Maar de erkenning kwam pas laat in zijn leven. De documentaire ‘In het atelier van Mondriaan’, naar verluidt het eerst filmportret in dertig jaar van de kunstenaar, legt het accent op een cruciale periode: de zeventien jaren dat hij zich in Parijs ontwikkelde tot een baanbrekend kunstenaar.

 

,,Natuurlijk was hij vrijgezel.”

 

Regisseur François Levy-Kuentz laat een eenzelvig artiest zien die worstelt met de materie en het leven en via zijn kunst de ‘schoonheid van de natuur wil verbeteren’. De film geeft een stemmig beeld van een serene monnik die alleen met geestverwanten sprak, van een kunstenaar die leefde in zijn eigen schilderij. Voor Mondriaan stond kunst gelijk aan het leven. En dat speelde zich voornamelijk af in zijn atelier in Rue du Départ dat hij herschiep in een soort driedimensionale installatie op het ritme van lijnen en in de dynamiek van vlakken in rood, geel en blauw.

 

De kunstenaar steekt strak in het pak, met steil achterover gekamd haar, rond brilletje.

 

De documentaire is rijkelijk voorzien van stemmige archiefbeelden uit het begin van de vorige eeuw. Daarop zijn ook Mondriaan en tijdgenoten te zien. De kunstenaar zelf steekt strak in het pak, met steil achterover gekamd haar, rond brilletje. In de film wordt hij nagespeeld door acteur Bob Kauffman, die we door Mondriaans minutieus nagebouwde atelier zien scharrelen. De artiest werkt, past en meet, ligt met de handen achter het hoofd op bed te peinzen. Hij staat op, zwengelt de koffergrammofoon aan, waarna jazzklanken zich krakend en krassend in de ruimte verspreiden en de kunstenaar een stijf dansje doet.

 

,,Hij danste met mijn vrouw, een beetje houterig in een vierkant patroon.”

 

Mondriaan ging alleen de deur uit voor een wandeling. Soms bezocht hij een café. Hij was gek op jazz en hield van dansen. ,,Hij danste met mijn vrouw, een beetje houterig in een vierkant patroon,” aldus zijn vriend, de schrijver Michel Seuphor (1901-1999). Bij dageraad keerde ‘Piet de onzichtbare’ terug naar zijn studio.

Volgens de overlevering was hij altijd alleen. Relaties met vrouwen hielden niet stand, ze vonden zijn klunzige houding aandoenlijk, maar zijn hoffelijke gereserveerdheid stootte af. ,,Natuurlijk was hij vrijgezel,” aldus schilder, graficus en fotograaf César Domela (1900-1992), lid van de kunstenaarsbeweging De Stijl, die Mondriaan met Theo van Doesburg oprichtte. ,,Een vrouw of kind was in zijn situatie onmogelijk.”

 

Mark Rothko, die sterk door Mondriaan beïnvloed was, noemde hem zelfs de meest sensuele kunstenaar die hij kende.

 

Mondriaan had de reputatie van koele mathematicus, maar volgens bevriende kunstenaars was hij toch niet zo’n gesloten persoonlijkheid als de film doet vermoeden. Eerder een nieuwsgierig en genereus mens. De Amerikaanse schilder Mark Rothko (1903-1970), die sterk door hem beïnvloed was, noemde hem zelfs de meest sensuele kunstenaar die hij kende. En ook zijn brieven ademen verrassend veel levenslust, zeker voor iemand die werd gekweld door geldgebrek en gefnuikte artistieke ambities.

 

,,We werden uitgelachen.”

 

Want erkenning bleef uit. Mondriaans werk was jarenlang onverkoopbaar. In het Parijs van het interbellum was geen interesse voor abstracte kunst. ,,We werden uitgelachen,” zegt Seuphor. Om te kunnen (over)leven ontkwam Mondriaan er niet aan om soms een bloemstilleven te schilderen, al had hij daar op zeker moment schoon genoeg van. Hij overwoog serieus om het bijltje erbij neer te gooien en te gaan serveren in een café. De situatie werd nog hopelozer toen de nazi’s kwamen aangemarcheerd die alles wat Mondriaan en de zijnen maakten als ontaard naar de schroothoop verwezen.

 

Mondriaan raakte er in New York in de ban van de boogiewoogie. En eindelijk kwam de erkenning.

 

Mondriaan ontsnapte naar New York, waar hij de hoogbouw van Manhattan ervoer als een verademing. Hij raakte er in de ban van de boogiewoogie. En eindelijk kwam de erkenning, in 1942, in de vorm van een solotentoonstelling. De 70-jarige kunstenaar werkte in die jaren aan het spraakmakende ‘Victory Boogie Woogie’, die tot de vaste collectie van het Gemeentemuseum in Den Haag behoort. De film eindigt met dit doek, dat onvoltooid op zijn ezel stond toen Mondriaan in alle eenzaamheid aan een longontsteking overleed. ,,Hij wilde niemand lastig vallen,” zegt de commentaarstem.

 

Oktober, 2011

 

UA-37394075-1