Nico de Boer Teksten

Nico de Boer Teksten

Beweeg over de plank met de pijltjes op het toetsenbord, of zoek direct op een titel of auteur:

Dolf Jansen: ‘Ik moet niet, ik mág weer spelen’

Vierentwintig jaar geleden is cabaretier Dolf Jansen er met zijn vriend Hans Sibbel als het duo Lebbis & Jansen mee begonnen. Ze kregen de smaak te pakken. En Jansen is het – solo – blijven doen: oudejaarsvoorstellingen maken. ,,Omdat ik het een prachtige vorm vind om op persoonlijke wijze commentaar te leveren.”

Dolf Jansen reist de theaters langs met zijn ‘Oudejaars 2012’. Voor de vierentwintigste keer neemt hij met zijn publiek het jaar door. Daarmee is de cabaretier, radiomaker en columnist recordhouder. Al vindt hij dat geen verdienste. Hij hecht niet zozeer aan tradities en evenmin vindt hij ,,dat dingen niet moeten veranderen. Maar dat ik nu al zolang jaarlijks vasthoud aan een oudejaarsvoorstelling vind ik toch wel mooi.”

Dat is zo gegroeid, zegt hij, omdat hij in een jaar altijd wel wordt gegrepen door nieuws, verhalen of beelden die geschikt zijn voor zo’n cabareteske terugblik. ,,Het is een mooi gegeven dat je daar commentaar op kunt leveren. In mijn begintijd met Lebbis & Jansen verzamelden we een stapel van de belangrijkste nieuwsfeiten. Daar maakten we dan tachtig minuten grappen bij. De laatste pakweg tien jaar vul ik het op mijn manier in. Ik probeer op mijn manier de wereld aan te vliegen door daar heel veel persoonlijks in te stoppen.”

In zijn ‘Oudejaars 2012’ neemt Jansen binnen negentig minuten, energiek en in een razend tempo, het (bijna) afgelopen jaar door. Van alles komt langs in een reeks nieuwsfeiten, kwinkslagen en grappen en flarden poëzie: van de Olympische Spelen tot een staatssecretaris met een reiskostenprobleem. Voor Jansen was 2012 vooral een jaar van verwarring. Hij verwijst daarbij naar de tumultueuze landelijke politiek, van de val van kabinet Rutte I tot de wonden die kabinet Rutte II kort na beëdiging alweer moest likken. ,,Als ik het jaar met één woord moet samenvatten, denk ik meer aan verwarring dan aan crisis. Crisis vind ik een lastig woord, los van het feit dat er mensen zijn die het moeilijk hebben. Banken veroorzaakten de crisis. Europa schijnt ‘m op te lossen en wij betalen dat, lijkt het. Maar als je zorgt dat andere landen overeind blijven, in Europa, in Afrika, hebben we daar zelf uiteindelijk ook weer profijt van, denk ik.”

In alle verwarring in onzekere tijden moet je een beetje zekerheid voor jezelf proberen te creëren, vindt hij. ,,Je moet zorgen dat je op de juiste plek bent met de juiste mensen om je heen. Dat de plek waar je bent en wat je doet goed voelt. Dat is zo’n beetje de thematiek van mijn voorstelling. Ik heb het dan wel over politiek, maar het is geen politiek verhaal. Ik raak aan een paar dingen. Voor de rest moeten mensen zelf maar uitmaken wat ze vinden.”

In zijn show lopen de grappenmaker en de serieuze maatschappijbeschouwer geregeld in elkaar over. Al wil hij niet zo nodig een moralistisch vingertje heffen. ,,Zo min mogelijk tenminste. Alleen soms, bij ontwikkelingssamenwerking. Ik ben betrokken, dus daar zeg ik dan wat over.” Jansen zet zich in voor Oxfam Novib, Warchild en het KWF. ,,Het heeft te maken met hoe jezelf naar de wereld kijkt. Ik houd een cynisch verhaal over slavernij. Als mensen alleen daar om lachen en de rest niet meekrijgen, vind ik het ook goed. Ik heb het ook over Reinout Oerlemans en ‘Sterren springen’. Ik maak duidelijk hoe onbelangrijk dat is. Evengoed loop ik me daar met veel grappen over op te winden.”

Zijn voorstellingen staan nooit vast. Elke dag opnieuw sleutelt hij eraan, afhankelijk van het laatste nieuws en de plaats waar hij speelt. ,,Ik lees de plaatselijke krant omdat ik geïnteresseerd ben. Ik ben vier dagen in de week op pad. Als ik in Groningen, Hengelo of Eindhoven ben, vind ik het logisch om me af te vragen in wat voor stad ik ben en wat er speelt. Dat combineert zich hier en daar tot een grap.”

Begin 2013 begint hij aan de voorstelling ‘Topvorm’, waarin hij – gelet op zijn vijftigste verjaardag in de zomer van 2013 – ‘nog een keer de absolute topvorm wil bereiken, fysiek, mentaal, als atleet, artiest, als mens zelfs’. Een mijlpaal? ,,Ja en nee. Ik word vijftig, dus dat heb ik dan toch maar volgehouden. Het mag een mijlpaal zijn, in die zin is het een mooie aanleiding om een voorstelling te maken, maar het gaat er ook over hoe je je fysiek en mentaal op die leeftijd goed kunt voelen en blijven voelen. En of wijsheid inderdaad met de jaren komt.”

Een dagelijks ritueel is hardlopen. Hij loopt iedere dag, ruwweg tussen tien en twintig kilometer. ,,Dat houdt mij in stand.” Het is voor Jansen de manier om zich op zijn optreden voor te bereiden. Hij schrijft daarnaast veel en vaak – columns, gedichten, liedteksten, reisverhalen, interviews – en hij maakt radioprogramma’s. Waar komt die werkdrift vandaan? ,,Ik ben niet opgevoed met het adagium dat je moet werken in het zweet des aanschijns. Er zit gewoon heel veel lol bij dat ik dit mag doen en maken. Het is vooral hard werken.”

En dan is het soms zoeken naar een goede balans tussen werk en privé. ,,Als je kleine kinderen hebt, gaat dat niet vanzelf. Maar dat heb je zelf in de hand. Door goede afspraken te maken. Je levert geregeld wat in. Het is een keuze die je maakt. Maar dat geldt evenzogoed voor andere beroepen. Ook een postbode moet vroeg op.”

Dolf Jansen kijkt met een zekere voldoening terug op wat hij in een kwart eeuw heeft gemaakt. ,,Ik ben er blij mee dat ik ondanks soms grote vermoeidheid toch nog elke avond, nou ja, anderhalf uur, op hoog niveau kan functioneren. Voor elk optreden denk ik: ik mag weer. Ik moet niet, nee, ik mág weer spelen.”

December, 2012

 

UA-37394075-1