Nico de Boer Teksten

Nico de Boer Teksten

Beweeg over de plank met de pijltjes op het toetsenbord, of zoek direct op een titel of auteur:

Eric Schneider: ‘Ik herken elk theater aan zijn spiegel’

Eric Schneider (1934) presenteert met ‘Nocturne’ zijn eigen King Lear. Hij speelt daarin een groot toneelspeler, die oud en vereenzaamd terugkijkt op een halve eeuw theatergeschiedenis. ,,Ik heb twee hartinfarcten gehad, maar de gezondheid is nu goed. Ik wil dus niet spreken van mijn zwanenzang.’’

 

Wie Eric Schneider aan het werk ziet, begrijpt zo’n uitspraak. Hij is nog buitengewoon actief, niet alleen als acteur, regisseur en (toneel)schrijver, ook als tekenaar, en maakt daarbij een even onverstoorbare als onvermoeibare indruk. Maar dat is schijn, zo blijkt: ,,Ja, ik ben wel bezig hoor,’’ zegt hij na een repetitie van ‘Nocturne’. ,,Ik teken ook nog steeds veel, exposeer. Maar het gaat allemaal wel langzamer. De fysieke krachten nemen af. Het is niet anders. De dagen vind ik lang, er komt geen einde aan die repetitie, en ik weet niet of ik dat vroeger had. Men vergeet veel hè. Dat hebben we gewoon te accepteren. Net als het ouder worden en het wegvallen van collega’s, want er gaan er nogal wat dood. En dat vind ik erg,’’ zegt de acteur die een aantal jaren getrouwd was geweest met de actrice Will van Kralingen (1951-2012), met wie hij twee kinderen heeft, onder wie acteur Beau, bekend van de populaire jeugdserie ‘SpangaS’.

Schneiders stuk bij Het Nationale Toneel, ‘Nocturne’, is een bitterzoete komedie over een oude acteur en een voormalige souffleur die een avondje doorzakken en wegzinken in hun gedeelde verleden. Als de dochter en haar vriend de oude acteur komen halen, wordt alles op scherp gezet. Hoe autobiografisch is het stuk? ,,Het is eigenlijk de biografie van een toneelspeler. Er valt voor andere toneelspelers en critici best iets te herkennen. Er zijn ook zoveel mensen die mijn pad hebben gekruist: Ton Lutz, Ko van Dijk, Fons Rademakers, Max Croiset.’’

Nocturne’ heeft daardoor veel van een toneeltestament. ,,In het Theaterinstituut gaf Peter Oosthoek laatst een toneellezing, waarin hij fantastische analyses over toneel gaf. Als ze mij zouden vragen voor zoiets, dacht ik toen, zou ik zeggen (een jongensachtige grijns glijdt over zijn gezicht): Jongens, geen gezeur, ga naar ‘Nocturne’.’’

 

Mij hebben ze vergeten. Dat zinnetje is de rode draad.’

 

Voor Schneider laat het stuk het demasqué van een oude toneelspeler zien. ,,Hij kan zijn teksten niet meer onthouden. Hij heeft de energie er niet meer voor om het vol te houden, maar hij wil niet van opgeven weten, want die Lear zal toch nog eens gespeeld moeten worden.’’

De man is wanhopig. Hij faalt zelfs in de kleine rol van Firs uit Tsjechovs ‘De kersentuin’, die in de beroemde slotscène zegt: ‘Mij hebben ze vergeten.’ Dat zinnetje is de rode draad in ‘Nocturne’. ,,Daar gaat het om. ‘Ze zijn mij vergeten, ook als acteur.’ Het is de achterkant van het theater. Figuurlijk en letterlijk.’’

Schneider draait zich om en wijst op het decor. ,,Je kijkt echt tegen de achterkant van het toneel aan. Rechts het hok van de portier. Links de kleedkamer van de oude acteur, die zich zit af te schminken. Acteurs kijken meer in spiegels van kleedkamers dan in de spiegels thuis. Ik herken elk theater aan zijn spiegel.’’

Nocturne’ gaat ook over vriendschap. ,,Aan het toneel heb je heel mooie vriendschappen, van vijftig, zestig jaar. Die bestaan echt. Dat is hier ook het geval tussen de acteur en de nachtportier.’’ Zo’n oude vriendschap heeft hij in het echt met Lou Landré, zijn belangrijkste tegenspeler in ‘Nocturne’. Dat is verrassend omdat de acteur in 2005 afzwaaide met de hoofdrol in Pinters ‘Niemandsland’. ,,Toen ik de rol van nachtportier schreef, dacht ik meteen aan Lou. Hij bleek in Duitsland te zitten voor filmopnamen. Ik heb hem een briefje geschreven en het script toegezonden. Een week later ontving ik een brief van negen kantjes over het stuk, zijn film, geldzorgen, zijn vrouw en zijn huisje in Frankrijk. Ik dacht, hij doet het niet. Helemaal aan het eind schreef hij: Wanneer beginnen de repetities?’’

 

‘Ik heb vijfhonderd rollen gespeeld, dan mag ik toch wel één naam vergeten zijn?’

 

Eric Schneider heeft als theatermaker een grote staat van dienst. Hij acteerde daarnaast in talrijke tv-series en films, recentelijk in respectievelijk ‘Stellenbosch en ‘Alles is liefde’. ,,De oude man in ‘Nocturne’ zegt ergens: ik heb vijfhonderd rollen gespeeld, dan mag ik toch wel één naam vergeten zijn? Toch is hij razend dat hij er niet op kan komen. Kom, hoe heet hij nou… en daarbij knipt hij met z’n vingers zoals Ko van Dijk vroeger deed.’’

,,De grote Vlaamse actrice Ida Wasserman zei ooit: ‘Als er vijf rollen zijn waarvan u zegt: daarvoor ben ik aan het toneel gegaan, bent u een rijk mens.’ Dat is een beetje waar. Dat er vijf rollen zijn waarvan je zegt, verrek, die zijn voor mij geschreven. Dat zijn wat mij betreft Hamlet, ‘De Profundis’ van Oscar Wilde, ‘De Theatermaker’ van Thomas Bernard, ‘Ivanov’ van Tsjechov en George uit Albees ‘Wie is er bang voor Virginia Woolf’. Ik had op zeker moment zo genoeg van de klassieke rollen – ik heb zeventien Shakespearerollen gespeeld – dat ik naar de directie ben gestapt en zei: Ik wil ook wel eens op het toneel staan met een glaasje whisky in mijn handen. Toen zeiden ze: speel George. En dat heb ik gedaan, met Annet Nieuwenhuyzen als Martha.’’

Nocturne’ contrasteert nogal met ‘Romeo & Julia’, dat beneden in de foyer van het NT Gebouw gerepeteerd wordt. ,,Al die jonge acteurs. Dat is zó leuk. Collega Bram van der Vlugt en ik zitten dan naast elkaar een boterhammetje te eten en genieten daarvan. Ik herken dat van vroeger. Dat plezier, die energie, dat talent, al geeft het ook wel een grote melancholie.’’

 

‘Jonge mensen zien mooie jongens en meiden

spelen en denken al gauw, o, dat kan ik ook.’

 

Er moet sinds 1960, toen hij debuteerde in ‘Zuiden’ van Julien Green veel veranderd zijn in het theater. Doordat de televisie zo’n stempel drukt, wordt het vak sterk onderschat, vindt hij. ,,Jonge mensen zien mooie jonge jongens en meiden spelen en denken al gauw, o, dat kan ik ook. Maar als ze één jaar bezig zijn krijgen ze het moeilijk, merken ze dat ze zichzelf steeds herhalen. Echte acteurs maken zich daarvan los. Alle grote filmsterren spelen toneel in kleine theaters, zoals Meryl Streep en Al Pacino. Dat is niet verwonderlijk, want daar komt het allemaal vandaan. Toneel is de bakermat.’’

Eric Schneider groeide op in het voormalige Nederlands-Indië. ,,We zaten in de oorlog in het jappenkamp. Met Marijke Merckens, Willem Nijholt, Kick Stokhuyzen, mijn broer en ik. Wij kennen elkaar allemaal uit die tijd. We zijn zo’n beetje de laatste generatie die het nog heeft meegemaakt. Het is eigenlijk een wonder dat mijn hele familie heelhuids uit de oorlog is gekomen.’’

Zijn (oudere) broer was de diplomaat Carel Jan Schneider (1932-2011), als schrijver beter bekend onder het pseudoniem F. Springer. ,,Mijn vader, tewerkgesteld aan de Birma-spoorlijn, heeft een vreselijk zware oorlog gehad. Hij sprak er nooit over met ons, nooit. Toen de film ‘The bridge on the river Kwai’ (1957) uitkwam, namen we hem mee. De film draait. Doodse stilte. Ineens horen we hem zeggen: Allemaal gelogen. En toen hij de brug die gebouwd werd zag, zei hij: Veel te groot. Die brug was niets, hooguit vijf meter.’’

 

Voorstelling ‘Nocturne’ van Eric Schneider. Regie: Franz Marijnen. Spel: Eric Schneider, Lou Landré, Dennis Rudge, Oda Spelbos. NT Gebouw, Den Haag. www.nationaletoneel.nl

 

Januari, 2009 

UA-37394075-1