Nico de Boer Teksten

Nico de Boer Teksten

Beweeg over de plank met de pijltjes op het toetsenbord, of zoek direct op een titel of auteur:

Halina Reijn: ‘Als je durft te dromen kun je alles waarmaken’

Halina Reijn heeft het druk, ontzettend druk. Toneel, film, tv-werk, de actrice draait er haar hand niet voor om. ,,Als je durft te dromen kun je alles waarmaken.”

 

‘Toneel is de essentie van acteren.’

 

Halina Reijn acteert, schrijft en is regelmatig op tv. Als tafeldame schuift ze eens in de zoveel tijd aan bij Matthijs van Nieuwkerk in ‘De wereld draait door’. In de bioscoop is ze te zien in ‘Valkyrie’ (regie: Bryan Singer, 2008), waarin ze naast Tom Cruise speelt. Laatst schitterde ze in de beroemde telefoonmonoloog ‘De menselijke stem’ van Jean Cocteau die telkens hernomen wordt en die ze wereldwijd met succes speelt.

En ze is net terug uit Chicago, waar ze met haar vaste theatergezelschap Toneelgroep Amsterdam (TA) triomfen vierde met ‘Rouw siert Electra’ van Eugène O’Neill. En nu zit ze alweer midden in de repetities van ‘Kruisen en gefluister’, een toneelbewerking van Ingmar Bergmans gelijknamige film.

,,Ja, het is veel. Het is hard werken,” zegt ze in Studio West in het Westelijk Havengebied te Amsterdam, direct na de repetitie van ‘Kruisen en gefluister’. ,,Ik ben ook redelijk aan het eind van mijn Latijn”, verzucht ze. Toch maakt ze allerminst een vermoeide indruk, eerder het integendeel. Het harde werken lijkt haar nieuwe energie te geven. ,,Ach, het valt op zich allemaal ook wel mee. Ik vind mijn leven juist zo leuk omdat het zoveel verschillende facetten heeft. Vóór onze generatie was het veel meer gescheiden. Je was een echte toneelacteur of je deed tv. Het is nu allemaal veel meer in elkaar over gaan lopen. Ook het commerciële en het alternatieve. Ik behoor tot het gesubsidieerde toneel en de alternatieve film, maar zit ook bij ‘De wereld draait door’ en RTL Boulevard.”

Daarom zijn in tegenstelling tot de acteurs van haar generatie veel goede maar oudere toneelspelers bij het grote publiek vrijwel onbekend?

,,Chris Nietvelt, Marieke Heebink en Anneke Blok zijn hele goeie actrices, maar mijn buurman kent ze niet. Jeroen Willems is een briljant acteur, maar mijn tante weet echt niet wie dat is. Daar werd ik vroeger kwaad om, nu niet meer omdat ik weet dat de mensen die echt geïnteresseerd zijn toch wel komen kijken. Het zijn van die dingen die je moet accepteren.”

,,In Duitsland is er veel meer een sterrencultuur in de kunstwereld. Daar weet zelfs een taxichauffeur wat er speelt in het theater. Dat zal hier nooit gebeuren. Echt bekend zijn alleen de mensen die op tv komen. Daar kun je heel erg verdrietig over worden. Aan de andere kant krijgen wij wel geld om prachtige toneelvoorstellingen te maken. En de zalen zitten altijd vol, en dat heeft óók te maken met het feit dat bijvoorbeeld Barry (Atsma) in de tv-serie ‘Rozengeur & Wodka Lime’ zit. Zo werkt dat in Nederland.”

Hoe komt het dat haar generatie – Halina Reijn is geboren in 1975 –

zoveel tegelijk doet en in al die verschillende disciplines ook nog succesvol is?

,,De generaties voor ons zijn veel meer opgevoed met het idee van: laat nou eerst maar eens zien of je dat kunt. Mijn generatie is pragmatisch, houdt van hard werken en is ambitieus. Niet ambitieus op een nare manier, maar in de zin van: ik wil al mijn dromen verwezenlijken. Wij zijn opgevoed in een systeem waarin onze ouders ons erg hebben geprezen. Alles wat we deden was geweldig.”

Een generatie dus met een overschot aan zelfvertrouwen?

,,Ja. Wij kunnen alles tot het tegendeel bewezen is in plaats van: we kunnen niks tot we bewijzen dat we iets kunnen. Ik ben erg dankbaar dat ik met liefde en warmte ben opgevoed. Het nadeel is dat je daardoor grenzeloos bent in wat je doet. Daardoor kun je nog wel eens oververmoeid raken.”

En dreigt zelfoverschatting?

,,Ik denk dat iedereen verschillende talenten heeft. Als je het leuk vindt, als je het wilt, als je durft te dromen, kun je alles waarmaken. Daar geloof ik in. Een generatiegenoot van mij zei in een interview: ik wil nog eens een documentaire gaan maken, een film regisseren, toneel spelen, een boek schrijven. Dat is óók een kant van ons, hè, dat verwende. Die zelfoverschatting ja. Daar moeten we voor waken. Het mag best wat genuanceerder. Ik mag wel een boek schrijven, maar ik vind dat ik daar nederig in moet zijn. Als ik morgen loodgieter wil zijn zonder dat ik precies weet wat ik moet doen, moet ik daar nederig in zijn. Als iemand met mij toneel wil spelen maar niet weet hoe, mag hij dat best doen, maar moet daarin wel nederigheid tonen.”

,,Ik vind het wel mooi dat er steeds meer kan, dat je steeds meer verschillende dingen mag doen. Aan de andere kant is Nederland nog heel erg een land van schoenmaker blijf bij je leest. In Amerika is in de wereld van entertainment iedereen én schrijver én producent én regisseur. Dat lijkt mij fantastisch, je eigen films initiëren.”

In 2005 verscheen haar boek ‘Rupsje nooitgenoeg’ (2005), die ze nu zelf tot filmscript omwerkt. Is dat autobiografisch?

,,Nee, wel een sleutelroman, ieder personage kun je herleiden naar mensen die echt bestaan. Het boek is voor mij een metafoor voor iemand die volwassen wordt, iemand die eigenlijk zichzelf voor gek zet. Om dat boek te schrijven heb ik een jaar vrij genomen. Ik was toen even helemaal klaar met toneel. Ik had een heleboel grote zware vrouwenrollen achter elkaar gespeeld, en was moe, had er geen plezier meer in. Ik schreef columns voor de Viva om me zelf te kunnen financieren, en toen werd mij gevraagd om een boek te schrijven. Dat was altijd al een droom geweest. Ik had een zekere woede over mijn generatie, meer over mezelf eigenlijk, en daar heb ik toen over geschreven.”

,,Het gaat heel erg over mijn generatie, over dat heel erg verwende opgroeien. Ik vind echt dat wij een ontzettend verwende generatie zijn. Het is heel lastig om dat te voorkomen. Het is de tijdgeest, maar het is wel belangrijk dat we bewust zijn van de welvaart, van de luxe, van wat we allemaal krijgen, dat we daar dankbaar voor zijn, nederig ook.”

,,Als wij niet reflecteren worden we echt een vervelende groep mensen. Als we meer doordrongen zouden zijn van het feit dat het ongelooflijk en fantastisch is wat wij allemaal kunnen en mogen doen, dan ga je er ook meer van genieten. Veel mensen hadden ook helemaal geen plezier meer. Dat geklaag, van ‘ik ben zo moe, iedereen wil wat van me, ik word zo geleefd’. Dan denk ik, hoor ‘ns, het is je eigen keuze, hè?”

Ze heeft een bijzondere band met haar gezelschap Toneelgroep Amsterdam (TA) en vooral met haar ‘toneelvaders’, eerst met Theu Boermans (De Trust, later De Theatercompagnie), nu met Ivo van Hove (TA). Toneel is en blijft de basis?

,,Toneel is doodeng. Het is eng en heftig, je ziet er tegenop maar het trekt ook aan als een magneet. Ik heb veel respect voor film. Ik vind het ontzettend leuk om te filmen, heerlijk voor de afwisseling en ik heb er heel veel van geleerd, maar toneel is toch de oerdrift waar het allemaal begonnen is. Dat is en blijft mijn eerste en allergrootste liefde.”

,,Film is vluchtiger. In film is het allemaal wat wiskundiger en kleiner, ook wat luxer en verwender. Theater is het echte werk. Het is bij toneel én film allebei koorddansen, maar bij theater hangt het koord in de nok van het dak, zonder vangnet, als je er af valt, ben je dood, terwijl het bij film op de grond ligt. Je stapt er vanaf en je doet het nog een keer. Daarbij hangt het er ook nog eens van af wat er in de editing room geknipt wordt. Eigenlijk kun je met knippen ieders rol maken en verpesten. De macht die je hebt is zo klein, terwijl je als toneelacteur betrokken bent bij het creatieve proces. Dat is ‘live’. Toneel is de essentie van acteren.”

,,Mijn band met Ivo is zo sterk omdat hij in zijn denken over kunst zo ver en diep gaat. Daar voel ik me heel erg mee verbonden. Ik kan zowel intellectueel als artistiek als een parasiet op hem plakken en alles uit hem zuigen. Dat is heel bevredigend en inspirerend. Ik zeg heel veel af omdat ik met hem wil werken. De basis van mijn acteren is daarvan afhankelijk. Niet dat ik denk: als ik niet met hem werk ben ik niet goed, maar ik wil dit absoluut niet kwijtraken. Ik heb een meester-muze verhouding nodig om te kunnen functioneren. En daarbij kan ik af en toe uitstapjes maken naar andere dingen. Ik krijg heel veel aanbiedingen, ook uit het buitenland. Ik denk dat ik negentig procent moet afzeggen. Maar ja, toneel past gewoon het beste bij mij. Ik ben niet zoals Carice (van Houten, haar vriendin, red.) echt een filmactrice. Al doe ik het graag en wil ik me er ook verder in ontwikkelen.”

,,Ivo en Jan (Versweyveld, de vaste vormgever/decorbouwer van TA) zijn af en toe heel gek, maar ook totaal geniaal. En daar laaf ik me graag aan. Je wordt ernaartoe gezogen, omdat zij het uiterste van je verwachten. Je wilt niet horen: ‘O, dat doe je fantastisch’. Maar: ‘doe nou eens zo’, want je wilt je steeds verder ontwikkelen. Zo kwam Ivo met die monoloog van Cocteau. Hij verzint elke keer iets nieuws, waardoor je weer even je bergschoenen aan moet trekken om de berg te beklimmen.”

,,Het is eigenlijk geen monoloog en toch weer wel want er is geen echte tegenspeler. Probeer maar eens überhaupt een telefoongesprek te faken. Ik ben echt duizenden doden gestorven, ik ben nooit zo bang geweest en ik heb nog nooit zoveel moeite moeten doen, en tegelijkertijd ben ik er erg trots op. Het is weer een volgende stap naar volwassenheid. Ivo en ik hebben dat stuk ook echt samen gemaakt. Ik heb al zoveel van die man geleerd en elke keer denk ik: nu is het klaar, maar dan komt hij met de volgende gekkigheid aanzetten.”

,,TA is uniek in die zin dat het niet eerder is voorgekomen dat er zoveel bekende mensen, zoveel grote sterspelers in één groep zitten. Dat is ook wel eens lastig, tweeëntwintig van die ego’s. Aan de andere kant, de kracht ervan is gigantisch, want tot in de kleine rollen staat er kwaliteit op het toneel. Dat is heel inspirerend. En leuk, dat degenen die al mijn beste vrienden waren nu ook allemaal hier spelen.”

Halina Reijn noemt zich ‘een echt familiemens’. Voor haar zijn haar vrienden ,,mijn werk en mijn werk mijn vrienden’. Met haar collega’s van ‘Valkyrie’ heeft ze ook nog steeds contact. Kun je werk en privé dan nog wel scheiden?

,,Nee, ik kan dat niet scheiden en dat wil ik ook niet. Ik heb niet eens een vriendje. Ik hoef ook niet zo nodig. Ja, dat is heel heftig. Ik wil absoluut niet zielig klinken maar het is best wel lastig met mij… Ik word ontzettend vervuld door die tweeëntwintig mensen van TA. Ik heb er ook wel eens ruzie mee, maar het zijn net mijn broers en zusters. Ik krijg heel veel liefde en aandacht. En omdat je ze zo goed kent durf je ook heel ver te gaan in je acteren. Met Hans Kesting, met wie ik veel samen speel, durf ik de grenzen op te zoeken. Hij weet precies hoe ik reageer. Als hij me hoog optilt ben ik ook nooit bang.”

Laatst speelde TA, die ook over de grenzen steeds succesvoller is, O’Neills ‘Rouw siert Electra’ in Chicago. De Amerikaanse critici waren lyrisch over haar spel. Hoe was dat?

,,Fantastisch. Amerika is geweldig om te spelen. Daar zijn ze zo gewend aan hyperrealistisch toneel – er worden op het toneel nog echt aardappelen geschild – en dat staat zo haaks op de abstractie en dat snelle en heftige waarmee wij komen. Ik vergelijk het theater dat Ivo maakt wel met MTV. Heel erg hip, heel erg snel, maar tegelijkertijd zit er een boodschap in, een diepere laag.”

,,We spelen de komende maanden opnieuw veel in het buitenland. Stockholm, Parijs. In Tokio doen we straks ‘Het temmen van de feeks’. Dat is een heftige voorstelling. Ik ben benieuwd hoe de Japanners daar op reageren, dat is toch een cultuur van onderdrukte gevoelens, maar misschien hebben ze daarom wel een grote behoefte aan extremiteit.”

Het Nederlands toneel heeft, zo heeft ze ervaren, internationaal inmiddels een enorme status bereikt. ,,Ik ben veel in Los Angeles en daar spreek ik veel acteurs. Ze kennen daar allemaal Ivo van Hove. Hij regisseert ook veel in New York. Hij is daar echt een king. De acteurs geven mij ook allemaal hun cv mee, will you give this to Ivo, please?”

,,Het voelt een beetje alsof je een zendeling bent, want je wilt zo graag dat mensen zien wat wij maken: voorstellingen over het leven. Toneel dat troost of juist verontrust. Laat je door elkaar schudden door ons toneel. Misschien is dat een beetje ouderwets, maar dat idealisme heb ik heel erg.”

Ze speelt nu in ‘Kreten en gefluister’. Het is de toneelbewerking door Ivo van Hove van een tamelijk onbekende Bergman-film. Een typische Bergman?

,,Het is een prachtige film! Een beetje underground, wat ouderwets, maar Ivo en Jan maken er iets hips en modern van. Het is zware kost, maar wij maken het wel toegankelijk.”

,,Het gaat over drie zussen. De oudste gaat dood, de anderen begeleiden haar. Het stuk toont de mooie kant van het sterven. Maar er is ook de banale, vieze kant van doodgaan, die ik zelf ook ken. De stervende heeft geen lichaam meer, het is door de ziekte lelijk geworden. Toch ervaart ze een soort innerlijke rust, accepteert ze haar situatie. Het thema is universeel. Iedereen heeft er wel eens mee te maken. Wat gebeurt er met je en de omgeving als iemand overlijdt en wat doet het met de onderlinge verhoudingen? Ik ben nu heel druk met mijn werk bezig. Bij zo’n stuk denk je na over jezelf: ben ik nu aan het leven of werk ik alleen maar?”

 

www.toneelgroepamsterdam.nl

 

Maart, 2009

UA-37394075-1