Nico de Boer Teksten

Nico de Boer Teksten

Beweeg over de plank met de pijltjes op het toetsenbord, of zoek direct op een titel of auteur:

James Salter – het verleden is een vloedgolf

In Nederland is het korte verhaal een veronachtzaamd genre. In de Verenigde Staten staat het in veel hoger aanzien. Vandaar dat zoveel grote verhalenschrijvers Amerikanen zijn, onder wie James Salter (New York, 1925), van wie dezer dagen zijn jongste verhalenbundel ‘Laatste nacht’ in vertaling is verschenen.

 

James Salter, in kleine kring bewierookt als een van de grootste hedendaagse Amerikaanse auteurs, schreef in zijn lange schrijversloopbaan een bescheiden oeuvre bij elkaar. Hij vestigde zijn reputatie met enkele verhalenbundels en een paar romans, waaronder ‘Sport en tijdverdrijf’, dat hem vanwege de expliciete seksscènes indertijd in het Verenigd Koninkrijk persona non grata maakte. Een jaar of tien geleden verscheen zijn autobiografie ‘Burning the days’ (vertaald als ‘Dwars door de dagen’), een indrukwekkend boek met herinneringen, onder meer over zijn tijd als gevechtsvlieger in Korea in de jaren vijftig.

 

‘Liever lag ze boven bij de duinen, luisterend naar het breken van de golven terwijl die als de slotakkoorden van een symfonie uit elkaar spatten, met dit verschil dat ze almaar doorgingen.’

 

Salters meesterschap ligt echter op de korte baan. Voor hem is het korte verhaal geen vingeroefening voor het grotere werk, voor een roman, maar een serieus literair genre dat hij tot in de finesses beheerst. Zijn verhalen zijn niet modieus, eerder een beetje ouderwets, met een zweem van weemoed. De personages worden voornamelijk in beslag genomen door hun eigen besognes en sores. De buitenwereld dringt maar mondjesmaat tot hen door en ook van het jachtige Amerikaanse leven is niet zo veel te merken. Er wordt veel achterom gekeken, naar de ijle momenten van geluk zonder dat men dit toen besefte. Salters verhalen zijn in zekere zin kleine compacte romans die hele levens in een notendop bevatten.

Stampij

Salter vertelt een verhaal niet rechtlijnig en strooit gedoseerd met informatie. Halverwege kan het een totaal andere wending nemen zoals in ‘Mijn Heer u’. Dit begint met een feestelijk diner waarop een dronken dichter stampij maakt en vervolgt met een van de vrouwelijke gasten die geobsedeerd raakt door de gemankeerde poëet en zijn reusachtige hond met gele ogen.

Salters proza is sober, precies, suggestief en laat veel aan de verbeelding van de lezer over. Dezinnen zijn muzikaal, bedrieglijk van eenvoud en vaak een genot op zich: ‘Liever lag ze boven bij de duinen, luisterend naar het breken van de golven terwijl die als de slotakkoorden van een symfonie uit elkaar spatten, met dit verschil dat ze almaar doorgingen.’

 

‘Als een plotselinge, terugstromende vloedgolf was het verleden over hem heen geslagen, niet zoals het was geweest, maar zoals hij het zich herinnerde, of hij wilde of niet.’

 

Salter verstaat de kunst om in een paar pennenstreken een karakter neer te zetten en heeft aan een korte dialoog genoeg om te laten zien hoe personages zich tot elkaar verhouden. Hij heeft een scherp oog voor vrouwen die hij feilloos en liefdevol weet neer te zetten, of het nu een (on)trouwe echtgenote of een verwende celebrity betreft. Bij Salter zijn vrouwen geen superieure wezens, ze zijn eerder aards en weerbaarder dan mannen.

De mannelijke personages staan als het erop aankomt een stuk minder sterk in hun schoenen. Zo krijgt in het verhaal ‘Bangkok’ een handelaar in antiquarische boeken een oude vlam op bezoek die op vileine wijze zijn bestaan op losse schroeven probeert te zetten. Dat mislukt, maar het duizelt de man van deze verbale draai om zijn oren: ,,De kamer draaide, hij kon zich niet aan zijn gedachten vasthouden. Als een plotselinge, terugstromende vloedgolf was het verleden over hem heen geslagen, niet zoals het was geweest, maar zoals hij het zich herinnerde, of hij wilde of niet. Hij kon het beste gewoon maar weer aan het werk gaan. Hij wist hoe haar huid aanvoelde, het was zacht als zijde. Hij had niet moeten luisteren.”

Niveau

Niet alle tien verhalen uit ‘Laatste nacht’ staan op een even hoog niveau, maar een aantal is meesterlijk, zoals ‘Bangkok’, ‘Palmenzaal’, over vroegere geliefden die elkaar na twintig jaar opnieuw ontmoeten, wat een desastreus effect heeft op de gekoesterde herinnering, en ‘Arlington’, over een militair die aan lagerwal raakt vanwege zijn liefde voor zijn overspelige jonge vrouw. Ze bewijzen dat de 80-jarige Salter literair gezien in de bloei van zijn leven verkeert en een groter publiek verdient dan hij tot dusver bereikt.

 

‘Hij kon nauwelijks geloven wat hij deed toen hij de naald erin duwde – het ging moeiteloos – en langzaam de inhoud injecteerde.’

 

De genoemde verhalen maken bijna net zoveel indruk als indertijd ‘Twintig minuten’, het hoogtepunt uit zijn vorige bundel ‘Schemering’. Hierin valt een vrouw van haar paard en raakt onder het dier bedolven. In de laatste ijzingwekkende minuten van haar leven volgen we haar doodstrijd. De nakende dood overheerst ook in ‘Laatste nacht’, het titelverhaal uit Salters nieuwe boek. Hierin staat een man zijn doodzieke vrouw bij in haar zelfdoding. ,,Hij kon nauwelijks geloven wat hij deed toen hij de naald erin duwde – het ging moeiteloos – en langzaam de inhoud injecteerde.” De apotheose is even verrassend als beklemmend.

 

James Salter: ‘Laatste nacht’ (Last night), verhalen, gebonden. Vertaald door Ronald Cohen. Uitgeverij J.M.Meulenhoff, 144 blz.

 

Mei, 2006

UA-37394075-1