Nico de Boer Teksten

Nico de Boer Teksten

Beweeg over de plank met de pijltjes op het toetsenbord, of zoek direct op een titel of auteur:

Johan Simons: ‘Je moet tegen de stroom in durven gaan’

Johan Simons was even terug in eigen land. Zijn vooraanstaande Duitse theatergezelschap Münchner Kammerspiele manifesteerde zich met topstukken in de Amsterdamse Stadsschouwburg. ,,Je moet tegen de grote stroom in durven gaan”, zegt de boerenzoon die nu een van de grootste hedendaagse Europese theatermakers is.

 

En dan te bedenken dat hij niet eens zo gek lang geleden in de provincie nog locatievoorstellingen in de klei maakte met zijn muziektheatergroep Hollandia, later ZT Hollandia. Johan Simons (Heerjansdam, 1946) is een charismatische en dwarse regisseur, altijd geweest.

Dat begon al toen hij in Noord-Holland en daarna in de rest van het land op verrassende plekken theatervoorstellingen creëerde – in een leegstaande gasfabriek, tuinbouwkas of een oud kantoorcomplex. Veel acteurs van weleer zijn uitgegroeid tot bekende en grote spelers, onder wie Bert Luppes en (wijlen) Jeroen Willems.

Hij heeft warme herinneringen aan die tijd. ,,Ik kan nóg vol schieten als ik aan die tijd terugdenk”, zegt hij licht geëmotioneerd in de hoofdstedelijke Stadsschouwburg, kort na zijn aankomst met een vertraagde vlucht uit München. ,,Ik wil niet zeggen dat het de tijd van mijn leven was, maar alles was nieuw. Alles werd opnieuw uitgevonden. Dat het zo’n sprong kan maken in dat leven van mij! Ja, waar heb ik het allemaal aan te danken? Ik heb dat te danken aan Hollandia, aan de subsidiënten van Noord-Holland!”

Hij ging in Eindhoven verder met ZT Hollandia, veroverde het Belgische theater met zijn NTGent, dat hem een ereprofessoraat toekende. En nu trekt hij alweer twee jaar aan de touwtjes in München, waar hij intendant is van de Münchner Kammerspiele. Een transfer van ‘zeg Feyenoord naar FC Barcelona’.

 

‘Het blijft een beetje moeilijk

maar we hebben veel succes’

 

Hij zit daar nu sinds 2010. ,,Het blijft altijd een beetje moeilijk. Maar we hebben veel succes. Twee van onze voorstellingen, waarvan één regie van mezelf, zitten in het Theatertreffen in Berlijn, met de tien beste of meest spraakmakende producties uit Oostenrijk. Zwitserland en Duitsland.”

Simons is sinds Hollandia geen steek veranderd. Aan uiterlijk vertoon heeft hij lak, aan dikdoenerij een broertje dood. In alles is hij de eenvoudige boerenzoon gebleven die hij was. Open, eerlijk, onverbloemd. Hij had een ‘boerentrotse’ moeder, elke cent moest omgekeerd, en als jongen haatte hij rijke kinderen. Hij wilde vroeger zendeling worden en dat wil hij nog steeds. ,,Alleen zonder God.”

Kan hij aarden in Beieren? ,,Ik ben net verhuisd van het ene stadsdeel naar het andere, meer een studentenwijk. Dat bevalt mij beter dan die chique, dure buitenwijk. Ik woon ook nog steeds met mijn vrouw (actrice Elsie de Brauw) in Varik in de Betuwe, bij de rivier. De plek waar ik het liefste ben in de wereld. Ik probeer wel twee keer in de maand thuis te zijn, in het weekend.” De heimwee blijft. ,,Dat heeft niet zozeer met het toneel of de kunsten te maken. Ik heb heimwee naar de luchten, het water, het dorp.”

 

‘Het is een hell of a job’

 

Is er een verschil tussen het Duitse en Nederlandse toneel? ,,In Duitsland heb je net als in Nederland heel goede spelers en heel goede regisseurs. Op het niveau van ensembles is het kwaliteitsverschil groot. Het is een groter land, dus heb je meer keus. Het is een ander systeem. Er is geen scheiding tussen de directeur van een schouwburg en de directeur van het gezelschap. Ik ben allebei.” Valt dat te combineren? ,,Het is een hell of a job.”

In Nederland heerst een guur cultuurklimaat. Hoe zit dat in Duitsland? ,,Dat speelt daar absoluut niet. Duitsland begrijpt dat in een goed draaiende economie en een vooraanstaande democratie een rijk cultureel veld noodzakelijk is. Dat maakt dat het aanzien van zo’n land groeit. München laat zich erop voorstaan dat er veel geld verdiend wordt. De stad profileert zich ook met zijn theater, zijn musea, zijn opera. Dat kost geld, maar dat heeft de stad er graag voor over omdat het economisch gezien dubbel en dwars terugkomt.”

Simons is niet de enige Nederlander in München. Hij nam acteurs als Jeroen Willems en Pierre Bokma mee. Ivo van Hove van Toneelgroep Amsterdam verzorgt er geregeld een gastregie. ,,Pierre is iemand die zich geen sikkepit interesseert voor roem. Hij wilde weer helemaal opnieuw beginnen, dat wilde ik ook. Wat dat betreft zijn we veroveraars. We willen niet achterover leunen en in de officiersmess denken: er wordt buiten wel geschoten, maar ik ga me er niet mee bemoeien. Wij zijn – dat vind ik in elk geval van hem – op zoek naar een nieuwe uitdaging, nieuwe avonturen. En dit ís voor mij een volstrekt nieuw en belachelijk avontuur, maar dat is het ook voor hem.”

 

‘Een op de tien voorstellingen

van mijn hand zijn echt goed’

 

Streelt het succes zijn ego? ,,Het zou lullig zijn om dat te ontkennen, maar het is nooit het hoofddoel. Het hoofddoel blijft – om het maar even heel pretentieus te zeggen – nieuwe, belangwekkende voorstellingen te maken. Ik denk dat een op de tien voorstellingen van mij echt goed is. Dat wil niet zeggen dat de andere allemaal waardeloos zijn, maar bij een op de tien doe je een nieuwe ontdekking die je weer verder brengt. Om dat te bereiken moet je hard willen werken. Je moet vechten. Lijden. Dat geloof ik echt. Je moet het moeilijk hebben.”

 

‘Ik bén veel verbeterd in mijn leven, in mijn taal.’

 

De taal kan voor een regisseur die vooral in beelden denkt een probleem zijn. ,,Ja, ik regisseer in een taal die niet mijn zielentaal is. Ik kom uit een eenvoudige familie. Het lichaam was er voor mij eerder dan de taal. De taal blijft voor mij iets waar ik altijd op moet letten. Ik vergis me er een paar keer per dag in. Iets waarbij mijn vrouw tenslotte denkt: nu ga ik hem toch echt even verbeteren. En ik bén veel verbeterd in mijn leven, in mijn taal.”

,,Ik was danser, daarna acteur. Allebei slecht. Daarna regisseur. Nu ik werk met Duitse acteurs ben ik terug bij dat bewegen. Als ik ze probeer uit te leggen hoe ik een bepaalde scène zie, schiet de taal tekort. Voel ik dat ze veel meer op mijn lichaam letten als ik stotterend en stamelend die taal bezig. Dat is een heel bijzondere ervaring. Dat is een fan-tas-tische ervaring.”

 

Maart, 2012

UA-37394075-1