Nico de Boer Teksten

Nico de Boer Teksten

Beweeg over de plank met de pijltjes op het toetsenbord, of zoek direct op een titel of auteur:

John Fante: bejubeld, vergeten, herontdekt en weer vergeten

Een hele stoet schrijvers heeft in de loop der jaren de Amerikaanse schrijver John Fante (Colorado 1909-Malibu 1983) de hemel in geprezen. Charles Bukowski, op wiens voorspraak hij eind jaren zeventig, begin jaren tachtig opnieuw werd uitgegeven, stelde hem op één lijn met Céline, Camus, Kafka en Dostojevski.

 

Bij ons draagt Arnon Grunberg, het enfant terrible van de hedendaagse Nederlandse literatuur, Fantes werk een warm hart toe. Niet onbegrijpelijk, beide schrijvers zijn gezien hun werk onmiskenbaar schatplichtig aan deze Italiaanse immigrantenzoon, van wie begin deze eeuw het prachtige ‘Dreams from Bunker Hill’ in Nederlandse vertaling verscheen. Deze roman verscheen in 1982, kort voor Fantes dood. De schrijver dicteerde het boek aan zijn vrouw Joyce omdat hij op latere leeftijd door suikerziekte werd getroffen die tot blindheid leidde.

 

John Fante is misschien wel de meest vergeten, miskende, herontdekte en weer vergeten Amerikaanse schrijver van de twintigste eeuw. Het ene moment was hij slechts in kleine kring bekend, het volgende sloot een groot publiek hem in de armen, om hem vervolgens weer onbarmhartig te vergeten. In de jaren dertig moest Fantes literaire doorbraak definitief worden bezegeld met ‘Ask the dust’.

 

HIJ VERDEED ZIJN TIJD OP DE GOLFBAAN

Helaas gooide de oorlog roet in het eten. Hij moest zijn geld toen verdienen met het schrijven van scenario’s in Hollywood, een vak dat hem allerminst boeide, maar hij verdiende er goed geld mee, wat er toe leidde dat zijn literaire werk opdroogde. Hij verdeed zijn tijd liever op de golfbaan op Malibu en in het uitgaansleven.

 

Zijn debuut maakte hij in 1932 in een literair tijdschrift dat onder redactie stond van de legendarische schrijver en uitgever H.L.Mencken, met wie de jonge schrijver een fascinerende briefwisseling onderhield. Mencken was een soort literaire adviseur en vaderfiguur voor de jonge schrijver die als zoon van een houthakker in Colorado na zijn mislukte schooltijd tientallen baantjes vervulde als hulpkelner, blikjesinpakker en hotelklerk.

 

DE ARTURO BANDINI-CYLCUS

Zijn eerste roman, in de jaren tachtig verfilmd, was ‘Wait until spring, Bandini’ uit 1938 (vertaald als ‘Wacht tot het voorjaar, Bandini’). Daarna volgden vele verhalen en romans waarvan zijn meesterwerk ‘Ask the dust’ (‘Vraag het aan het stof’) uit 1939 en ‘Dromen van Bunker Hill’, waarvoor Fante na veertig jaar zwijgen de draad van zijn schrijverschap weer oppakte, deel uitmaken van de zogenoemde Arturo Bandini-cyclus, onmiskenbaar geïnspireerd op Fantes eigen leven. Onder deze cyclus zou het ook in het Nederlands vertaalde Geschiedenis van een hond’ kunnen worden geschaard, een zuur-komisch verhaal over een depressieve schrijver en een opdringerige zwerfhond, afkomstig uit de nalatenschap van de schrijver.

 

Vrijwel al het werk van Fante is autobiografisch getint. Zijn leven en een groot deel van zijn werk stond in het teken van het schrijverschap, waarvoor hij alles opzij wilde zetten, altijd was er het streven naar erkenning en de angst voor miskenning. Fantes schrijverschap leek voortdurend gedoemd te mislukken, zoals dat ook uit ‘Dromen van Bunker Hill’ blijkt. Toch bleef er een ijzeren geloof in eigen kunnen en het uiteindelijke succes, want ooit zou de immigrantenzoon slagen.

 

TALENTVOL TUSSEN DE CYNICI

In ‘Dromen van Bunker Hill’, dat speelt in het begin van de jaren dertig, werkt de talentvolle jonge schrijver Arturo Bandini als scenarioschrijver in Los Angeles. Of liever, hij redigeert scenario’s zonder zelf aan schrijven toe te komen. Hij vat een liefde op voor de veel oudere hoteleigenares, een moederfiguur bij wie hij een kamer huurt. Hij ontmoet andere succesvolle, cynische en weinig principiële (scenario)schrijvers, onder wie Nobelprijswinnaar Sinclair Lewis.

 

Hij verdient scheppen geld. Hij stuurt nu en dan flinke bedragen naar zijn ouders die in armoedige omstandigheden leven. Maar erg veel voldoening in dit werk vindt hij niet. De losbandige scenarioschrijver bij wie hij tijdelijk inwoont, wijst de eigenwijze en teleurgestelde jonge auteur herhaaldelijk zijn plaats:

 

‘Wat mankeert jou? Er zijn schrijvers in deze studio die maandenlang geen krabbel op papier zetten. Ze verdienen tien keer zoveel als jij, en lopen fluitend naar de bank. Jouw probleem is dat je een verdomde boer bent. Als er zoveel is wat je niet bevalt aan deze stad, dan moet je ophouden met zeiken en teruggaan naar dat spaghettivretersdorp waar je vandaan komt. Ik word zo moe van je!’

 

Arturo vertrekt tenslotte, voor een paar dagen naar huis, om zich vervolgens in een rustig dorpje aan zee terug te trekken om zich volledig aan de schrijverij te wijden. Fantes taal is sober en vitaal, krachtig en beeldend. Het verhaal van de eenzame, impulsieve en miskende jonge schrijver is vaak schrijnend en pijnlijk, maar ook buitengewoon geestig. Vooral dankzij de oprechte en onbevangen, directe wijze waarop Bandini de confrontatie met anderen aangaat. Fante schrijft uiterst trefzeker en puntig, hij zet zijn figuren met een paar pennenstreken genuanceerd neer, met oog voor hun zwakke en sterke kanten.

 

MOOISTE BOEKEN UIT WERELDLITERATUUR

Dat Dromen van Bunker Hill nu in het Nederlands is vertaald is te danken aan een aantal bewonderaars van Fante. Zij richtten de Bunker-Hill-Pers op, als onderdeel van uitgeverij Thomas Rap omdat ‘sommige boeken niet mogen ontbreken, in geen enkel taalgebied’. In Nederland, is hun kritiek, is er vaak veel aandacht voor jong buitenlands talent van korte adem waarbij gemakshalve voorbijgegaan wordt aan ‘de mooiste boeken uit de wereldgeschiedenis’.

 

John Fante: ‘Dromen van Bunker Hill’ (‘Dreams from Bunker Hill’, 1982), uitgeverij Thomas Rap, Bunker-Hill-Pers, Amsterdam, 150 blz.

 

Juli, 2002

UA-37394075-1