Nico de Boer Teksten

Nico de Boer Teksten

Beweeg over de plank met de pijltjes op het toetsenbord, of zoek direct op een titel of auteur:

Joost Zwagerman: ‘Wat is er mis met trots zijn op Nederland?’

Hij is spraakmakend, veelzijdig, strijdbaar, betrokken en beschikt over een gouden pennetje. Het zijn de kwalificaties die de jury opvoert bij de toekenning van de Gouden Ganzenveer 2008 aan schrijver, dichter en essayist Joost Zwagerman (Alkmaar, 1963). ,,Ik zie het als mijn taak om de elite van repliek te dienen, om haar een geweten te schoppen,’’ zei hij tijdens het vraaggesprek in dat jaar naar aanleiding van de onderscheiding.

 

Joost Zwagerman is zeer verguld met de Gouden Ganzenveer, waarmee hij zich voegt in het rijtje illustere voorgangers als Jan Blokker, Kees van Kooten, Maria Goos en de Vlaamse schrijver Tom Lanoye.

Volgens de Academieleden slaat de jongste laureaat als essayist, columnist, debater en presentator een brug tussen kunst, literatuur en samenleving. Hij beschikt bovendien over een sterk gevoel voor maatschappelijke betrokkenheid. ,,Ja’’, zegt hij met een kwajongensachtige grijns, ,,dat is zo, dat is een beschuldiging die ik niet kan ontkennen.’’

Boven zijn bord gepocheerde eitjes met gerookte zalm in een chique Amsterdamse brasserie zegt hij: ,,In het tv-programma ‘De wereld draait door’ zei ik gekscherend: Jan Blokker kreeg ‘m toen hij over de tachtig was, ikzelf ben net 26 geworden. Dus, je begrijpt, het is een enorme eer.’’

Ernstiger nu: ,,Ik vind het ook echt een mooie prijs omdat hij nadrukkelijk is verbonden aan ‘aandacht vragen voor het geschreven woord in een multimediale samenleving’. Dat is wat ik op mijn manier ook doe: het geschreven woord een plek te geven in de samenleving waar het geschreven woord onder druk staat of onder druk komt te staan.’’

Extra verguld is Zwagerman omdat de academieleden een gemêleerd gezelschap vormen uit de wereld van cultuur, wetenschap, politiek en economie. ,,Bij literaire prijzen is er, met alle respect, sprake van een roedel dichters of schrijvers die bijeenkomt om een andere dichter of schrijver te bekronen. Dat is óók prachtig. Het was heel plezierig om laatst met mijn essaybundel ‘Transito’ genomineerd te zijn voor de AKO prijs. Maar dit is een algemene prijs van mensen die vanuit hun vak niet verplicht zijn om de literatuur te volgen, maar dat kennelijk toch doen.’’

Zwagerman durft in zijn essays, columns en polemieken scherp stelling te nemen. Daarbij schuwt hij allerminst de confrontatie, onder andere met andere voorstaande publicisten, zoals recentelijk met Jan Blokker en Bas Heijne. ,,Ja, ik schreef over hen naar aanleiding van een uitzending in Buitenhof (waarin hij en Heijne te gast waren, red.). Dat ging over de curieuze manier waarop Blokker en Heijne kunstenaars verschillend benaderen. Toen Salman Rushdie indertijd met de dood werd bedreigd, vonden ze het een grof schandaal dat hij werd aangetast in zijn vrijheid van meningsuiting. Nu de Iraanse kunstenares Sooreh Hera hetzelfde overkomt vanwege haar foto’s waaronder twee met Mohammed-maskers, doen ze dat af met, ach, daar heb je weer zo’n hype over iemand die iets naars beweert over de islam. Ze zijn verontwaardigd als het mensen van grote literaire allure betreft. Kunstenaars met een wat minder grote importantie moeten hun mond houden, dat zijn alleen maar relzoekers. Daar komt het op neer. Dat getuigt van een tenenkrommende geborneerdheid.’’

De ophef over die geruchtmakende foto’s is toch ook weer snel in de aandacht weggezakt? ,,In de publiciteit wel ja, omdat de feiten zijn verteld. Via een tussenpersoon heb ik haar voorzichtig vragen gesteld. Over hoe het nu met haar gaat, en dat is niet zo fijn. Ze wordt nog steeds bedreigd. Ze zit noodgedwongen in een kamer van twee bij twee. Voor haar is de ellende net begonnen.’’

En ze is niet de enige Nederlandse kunstenaar (van islamitische herkomst) die recentelijk heeft moeten onderduiken. ,,Schrijfster Naima El Bezaz is bedreigd vanwege passages in haar roman ‘De verstotene’. Een van die bedreigers is opgepakt en veroordeeld. Maar daarmee zijn haar gevoelens van angst en onveiligheid niet verdwenen. En dan is het schrijnend om te merken met welk een gemak men ook dit afdoet als een hype. Voor de betrokken personen is het doorlopend een drama. En vergeet niet, El Bezaz zocht hierover nooit de publiciteit.’’

 

‘Ik zou het vreselijk vinden als ik beknot

zou worden in mijn vrijheid van uiten.’

 

Zwagerman acht het zijn plicht om hiertegen in het geweer te komen. Wat is zijn drijfveer? ,,Ik denk omdat het kunstenaars zijn, net als ik. Ik zou het vreselijk vinden als ik beknot zou worden in mijn vrijheid van uiten. Alleen daarom al voel ik me betrokken bij degene die het overkomt.’’

Daarnaast veronderstelt hij dat het te maken heeft met Ayaan Hirsi Ali, die hij in 2004 als presentator voor Zomergasten interviewde, kort voor de moord op Theo van Gogh met wie ze de film ‘Submission’ had gemaakt. ,,Tijdens de voorgesprekken van Zomergasten waren we altijd in gezelschap van zes mannetjes om de boel te beveiligen. Zelfs in de toiletten werd ze beveiligd. Wat dat voor een impact heeft op je leven, beseffen mensen niet. Dat heeft me duchtig aangegrepen. Wat mij trof was haar betrekkelijke flinkheid en daartegenover de wreedheid waarmee de intellectuele elite over haar oordeelde. Zeg je openlijk dat de moslimvrouw een beter lot verdient in het westen, word je beschuldigd van aandachttrekkerij! Alsof je het over jezelf hebt afgeroepen als je met de dood wordt bedreigd! En zoiets wordt dan gezegd door wat wij beschouwen als de elite van Nederland, de denkers, het geweten van het land. Ik ben door die elite enorm teleurgesteld. En ik zie het als mijn taak om haar in dit opzicht heel sterk van repliek te dienen, een geweten te schoppen.’’

In zijn toespraak bij de uitreiking van de Ganzenveer zal hij ,,grof gezegd iets zeggen over onze traditie van zelfdebunking die grenst aan zelfhaat. Wij genieten ervan als prominente Nederlanders dit land afkraken. Zoals Jacob Israël de Haan eens zei: ‘Dikwijls droom ik dat ik in de hel ben. Na het ontwaken merk ik, tot mijn schrik, dat ik in Holland ben.’ Ik zie je nu glimlachen. In dat soort uitspraken grossieren wij. Maar ik steek de hand in eigen boezem, want ik ben zelf ook geneigd om Nederland te geselen, zoals in mijn essayboek ‘Het wilde westen’.’’

,,Maar in deze tijden moet daar wel wat tegenover staan. Want wat willen wij met Nederland? Wat zijn onze gedeelde basiswaarden? Waar sta je voor, waar ben je trots op? En kun je die trots delen met nieuwe Nederlanders. Dat is onder de elite een taboe, lijkt het wel. De elite weet precies waar ze níet voor staat, waarmee zij zich níet wenst te engageren, maar waarmee engageert ze zich dan wél? Rita Verdonk en haar Trots Op Nederland (TON) werden door de progressieve elite meteen collectief over de kling gejaagd. Terecht of niet? Daarover ga ik een heel moeilijke vraag stellen aan de Academie. Want wat is er mis met trots zijn op Nederland?’’

 

Geschreven woord

heeft zeker invloed’

 

Joost Zwagerman begon als romanschrijver en dichter, en in die laatste hoedanigheid is de Amsterdammer al enige jaren stadsdichter van zijn geboortestad Alkmaar. De laatste jaren volgt de ene essaybundel op de andere. Recentelijk oogst hij lof met zijn bloemlezingen van de Nederlandse en Vlaamse literatuur vanaf 1880 in 250 korte verhalen (het eerste deel) en 60 lange verhalen/novellen (het tweede deel). Het derde deel verschijnt in de loop van het jaar en bevat 200 essays.

Is het schrijven van romans en poëzie daardoor op het achterplan geschoven? ,,Helemaal niet. Maar ik ben niet zo’n planmatige carrière-invuller. Ik doe wat mijn hart me ingeeft en volg mijn hartstochten en interesses en als er iets meer jaren tussen de ene en de andere roman zitten moet dat maar. Mijn uitgever vraagt er af en toe wel eens naar, maar daar luister ik niet naar. Ik ben geen koopman. We leven in tijden die van mij vragen dat ik mij roer als essayist en columnist en zelfs als pamflettist. Mijn literaire kracht wil ik nu inzetten voor stukken waarmee ik hoop bepaalde dingen te kunnen bereiken in het land. Dat klinkt hoogdravend. Maar het geschreven woord heeft wel degelijk invloed. Zie ‘De schaamte voor links’.’’

In dat pamflet uit 2007 maakte Zwagerman zich druk over het normen-en-waardendebat, de multicultuur en de uitholling van het onderwijs. ,,Er is nu een enorme kentering gaande in het denken over het onderwijs, over een terugkeer naar de basisvaardigheden taal en rekenen. Daar is niets schandaligs aan, want we hebben nu een generatie begin twintigers die nauwelijks kan spellen. Het funeste, schadelijke en rampzalige daarvan beginnen we nu in te zien. Een jaar geleden was ik nog een roepende in de woestijn. En het gaat mij aan het hart, misschien omdat ik zelf uit een onderwijsgezin kom en omdat ik veel op scholen kom voorlezen. Je hoort daar de meest rampzalige dingen.’’

Zijn romans ‘Vals licht’ en ‘De buitenvrouw’ prijken sinds jaar en dag op de boekenlijsten van middelbare scholieren. ,,Zelf lezen ze nu liever Kluun of Saskia Noort. Daar is niet tegen op te klunen. Toen vijftien jaar geleden ‘Vals licht’ uitkwam, waren het de scholieren zelf die vroegen of ze mijn boek op hun lijst mochten zetten. Leraren trokken hun wenkbrauwen op. Nu is het andersom. Zeggen ze: Leg die Kluun maar weg en lees Zwagerman. Dat is wel geestig.’’

 

Januari, 2008

UA-37394075-1