Nico de Boer Teksten

Nico de Boer Teksten

Beweeg over de plank met de pijltjes op het toetsenbord, of zoek direct op een titel of auteur:

Joris van Casteren: ‘Je zet geen hek om je dorp’

Joris van Casteren (1976) heeft een zwak voor gewone mensen die de klappen opvangen. Daarover schrijft hij fijnzinnige journalistieke miniaturen die gebundeld zijn in ‘Requiem voor een pitbull’. In die verhalen gaat ‘de Bromet van het geschreven woord’ op zoek naar het veranderende Nederland ‘dat zichzelf niet meer is’.

 

Journalist en dichter Joris van Casteren heeft een fijne neus voor onverwachte gebeurtenissen die de strak georganiseerde Nederlandse samenleving uit het lood slaan. Die kunnen variëren van ‘kleine’ kwesties tot gebeurtenissen die verontwaardiging oproepen: van een aangespoelde walvis op Schiermonnikoog, de vondst van het ‘eerste kievitsei’, een Almelose Miss World (namens Turkije) en de bibliobus in Groningen tot de aanranding van een dwergpony door een immigrant en een moord in Venlo.

Van Casteren begint zijn journalistieke speurtocht waar andere media ophouden. ,,Ik ga niet traditioneel te werk’’, zegt hij in het Amsterdamse theater De Balie, ,,maar laat zien dat achter de werkelijkheid van een krantenbericht of -reportage een heel andere werkelijkheid kan schuilgaan.’’

,,Misschien is dat typisch iets van deze tijd. Mensen willen hun verhaal kwijt. Ik sta er natuurlijk ook erg voor open, ik ben de charmeur die probeert te paaien.”

In zijn verhalen, die het midden houden tussen reportages en journalistieke miniaturen, gaat het meestal om mensen aan de rafelrand van de samenleving. Ze zijn afkomstig uit alle lagen van de bevolking, maar het accent ligt op de onderklasse. ,,De mensen over wie ik schrijf zijn gewone mensen. Ze hebben niet veel te verliezen. Ze zijn niet getraind om met de media om te gaan. Het verbaast mij steeds weer hoezeer mensen mij in vertrouwen nemen. Ze storten bij mij hun hart uit. Ik kan ergens aanbellen en vijf minuten later zit ik binnen. Misschien is dat typisch iets van deze tijd. Mensen willen hun verhaal kwijt. Ik sta er natuurlijk ook erg voor open, ik ben de charmeur die probeert te paaien, want ik heb ook zo mijn belang: mijn verhaal.’’

Ontregelen

Joris van Casteren wordt al ‘de Bromet van het geschreven woord’ genoemd. Tv-maker Frans Bromet onderscheidt zich door de gortdroge en daardoor effectieve manier waarop hij conflicten in beeld brengt. Van Casteren gaat op papier op dezelfde wijze te werk: in een uitgebeende stijl vol scherpe observaties zoomt hij afstandelijk, droogkomisch en tegelijk genadeloos in op zijn onderwerp tot hij de details haarscherp heeft. Zijn verhalen ontregelen, ze laten je anders tegen de zaken aankijken en bezitten bovendien een licht ironische ondertoon.

Neem ‘De jacht op het kievitsei’. ,,Het rapen van het eerste kievitsei wilde ik per se een keer meemaken. Ja, dat is zo Hollands, zo’n absurde subcultuur. Maar dat ironische zit, geloof ik, in al mijn verhalen. Tegelijk probeer ik de mensen liefdevol neer te zetten. Ik ben altijd weer ontroerd door wat ik zie en hoor. Ik zou die mensen in hun hemd kunnen zetten maar dat is me al te gemakkelijk.’’

,,Het is absurd dat iemand zo fanatiek jacht maakt op homoseksuelen. Het zag er ook heel ranzig uit, hij sloop als een soort yankee door de bosjes.”

Van Casteren laat ze inderdaad in hun waarde, hoe bedenkelijk hun uitspraken soms ook zijn. De opsporingsambtenaar die in een Utrechts recreatiegebied op bronstige homo’s joeg, werd zelfs op het matje geroepen. ,,Hij is niet ontslagen, maar wat hij deed vond ook ik te ver gaan, al zul je dat aan het verhaal niet aflezen. Het is absurd dat iemand zo fanatiek jacht maakt op homoseksuelen. Het zag er ook heel ranzig uit, hij sloop als een soort yankee door de bosjes. Hij deed me denken aan een veldwachter uit de jaren vijftig. Hij is typisch iemand die de oude orde wil herstellen, die terug wil naar het vertrouwde veilige Nederland.’’

Doodstraf

In het titelverhaal wordt de pitbull van een eenvoudige Rotterdammer in beslag genomen en afgemaakt. Van Casteren weet daarin feilloos de vinger te leggen op de hardvochtige gevolgen van Haags beleid bij de ‘gewone man’. ,,In ‘Den Haag’ wordt een maatregel genomen, verder hoor je er niet veel over. Maar welke invloed heeft deze op mensen die er in hun persoonlijke leven mee te maken krijgen? Achter een krantenbericht blijken hele drama’s schuil te gaan. En ontdek je dat er in Nederland ook een soort doodstraf bestaat.’’

Het is de tragiek die hem daar zo in aanspreekt. Zoals in het geval van een Drents echtpaar met elf kinderen dat er bijna een dagtaak aan heeft om zich de schuldeisers van het lijf te houden. ,,De dingen lopen vaak heel anders dan mensen hadden gehoopt. Mensen zitten vol goede bedoelingen, maar die pakken niet altijd goed uit. Het zijn de hoge verwachtingen tegenover de harde realiteit in een tijd die vooral op succes is gericht. En in meer dan negentig procent van de gevallen is het leven geen succesverhaal.’’

 

,,Ik zou ook denken dat ik zwaar gediscrimineerd werd als ik tien keer zakte.’’

 

Van Casteren probeert te achterhalen wat de mensen drijft. ,,Neem de rijschoolhouder. Hij is idealistisch, hij wil een allochtone mevrouw die rijles bij hem neemt graag helpen. De rijschoolhouder wil bovendien de dreigende scheiding tussen wit en zwarte rijscholen voorkomen. Maar intussen wordt hij helemaal gek van haar. Uiteindelijk haalt ze na tien keer haar rijbewijs, maar niet bij hem. Het heeft haar uiteindelijk tussen de 15 en 20.000 euro gekost. Is dat het waard? En wat voor beeld krijgen die mensen van Nederland? Ik zou ook denken dat ik zwaar gediscrimineerd werd als ik tien keer zakte.’’

Botsingen

Van Casteren plaatst in zijn bundel het oude tegenover het nieuwe Nederland. ,,Dat oude Nederland is vooral zichtbaar buiten de Randstad, zeker buiten Amsterdam. Het Nederland dat door immigratie en technologie aan het verbrokkelen is. Nederland is in die zin zichzelf niet meer. Tegen dat decor vind ik het intrigerend om botsingen te laten zien.’’

Een voorbeeld daarvan is het verhaal over een Friese boer die trouwt met een Nigeriaanse die bedreigd wordt met uitzetting. ,,In Lagos zag zij op de markt een pakje melkpoeder met een logootje van een koe in een weiland in een haar onbekend land. Dat obsedeerde haar, ze wilde daar naartoe, en trok later daadwerkelijk in bij een Friese boer. Maar uitgerekend deze vrouw komt in een xenofobe streek terecht waar de kwestie van de vermoorde Marianna Vaatstra speelt. Die twee verschillende zaken – de Nigeriaanse bruid en de moord – schuif ik dan in elkaar. Zo’n verhaal zegt veel over de Nederlandse cultuur en de manier waarop wordt gereageerd op de mondialisering en het verval van het oude.’’

 

,,Het nieuwe vindt men bedreigend. Daarom zoek ik extreme plaatsen op als Kollumerland in Friesland en Sint Willebrord in Noord-Brabant.”

 

Vooral in de kleine gemeenschappen wordt halsstarrig vastgehouden aan het oude. ,,Het nieuwe vindt men bedreigend. Daarom zoek ik extreme plaatsen op als Kollumerland in Friesland en Sint Willebrord in Noord-Brabant. Net als Urk, waarover ik in mijn vorige bundel schreef, zijn dat enclaves waar met harde hand het oude in stand wordt gehouden. Daar zijn de botsingen het hevigst. Toch weten de meeste mensen daar ook wel dat het niet is tegen te houden. Je kunt geen hek om je dorp heen zetten.’’

Traumatisch

Op de achterflap van het boek staat: ‘Nederland is zichzelf niet meer’. ,,Daarmee doel ik op de manier waarop Nederlanders met de veranderingen omgaan. Het sterkste verhaal is wat betreft de aanranding van een pony. Dat is traumatisch voor veel Nederlanders. In die zin is Nederland zichzelf niet meer, dergelijke zaken leiden tot nog meer generalisaties.’’

De botsing tussen het oude en het nieuwe, tussen autochtonen en nieuwkomers zien we ook van een andere kant. Van Casteren: ,,Twee jaar geleden was er veel opwinding over de man die met een bom de Rotterdamse Maastunnel inreed. Er werd eerst gedacht aan een El Qiada-aanslag. Toen het een verwarde man met een nepbom bleek te zijn ging het leven weer verder. Voor mij begon het toen pas. Het was een Koerdische man, een hele lieve maar ook naïeve jongen. Iemand die hier in Nederland tegen een muur aan liep. Het toont aan hoe wij hier met de dingen omgaan en hoe moeilijk het is om daar als vreemdeling je weg in te vinden.’’

 

Joris van Casteren: ‘Requiem voor een pitbull’. Uitgeverij Prometheus, 263 blz.

 

Joris van Casteren, journalist, schrijver, dichter

 

Joris van Casteren verwierf bekendheid met zijn bundel ‘De man die 2 ½ jaar dood lag; berichten uit het nieuwe Nederland’ (2005). De bundel bevat reportages die eerder verschenen in De Groene Amsterdammer en Vrij Nederland, waar hij na zijn opleiding aan de School voor Journalistiek werkte. Ook was hij enige tijd aan de Zwolsche Courant verbonden.

In de bloemlezing ‘Een vreselijk land’ (2005) verzamelde hij ‘de mooiste journalistieke verhalen van Nederland’, van onder anderen Martin Bril, Simon Carmiggelt, Geert Mak, Ischa Meijer, Bob den Uyl, Gerard van Westerloo, Frank Westerman, Willem Wittkampf en Annejet van der Zijl. In 2005 ontving hij de Gouden Pen voor journalistiek talent. Als dichter debuteerde Van Casteren in 2001 met de bundel ‘Grote atomen’. In 2002 bundelde hij in ‘In de schaduw van de Parnassus’ gesprekken met vergeten dichters. In 2006 kwam er een vervolg met ’Zeg mijn lezers dat ik doorschrijf – portretten van vergeten schrijvers’.

 

Juli, 2007

UA-37394075-1