Nico de Boer Teksten

Nico de Boer Teksten

Beweeg over de plank met de pijltjes op het toetsenbord, of zoek direct op een titel of auteur:

José Saramago en het leven als constante strijd

José Saramago (1922-2010) werd gezien als een literaire laatbloeier. De postume uitgave van ‘Bovenlicht’ bewijst dat de Nobelprijswinnaar als dertiger al een gerijpt romancier was. Het manuscript raakte echter ‘zoek’, tot ontgoocheling van de schrijver die er daarna jaren het zwijgen toedeed.

 

José Saramago geloofde hartstochtelijk in deze roman, die nu wereldwijd vertaald wordt. De Portugese uitgeverij die hij zijn manuscript in de jaren vijftig toevertrouwde, was blijkbaar minder overtuigd van de kwaliteit, of in onvoldoende mate.

 

,,José was zeer teleurgesteld’’, zei zijn weduwe, de Spaanse journaliste Pilar del Río, naar aanleiding van de postume verschijning van de roman. ,,Hij vond dat hij op zijn minst een antwoord verdiende na al het werk dat hij erin had gestopt.’’ Hij was zo verbitterd dat hij zich stortte op de journalistiek en vertaalwerk. ,,Ik had het gevoel dat ik levenservaring miste, dat ik niets te vertellen had’’, zou hij hierover later zeggen.

 

Saramago zelf dacht dat het manuscript van zijn tweede roman verloren was gegaan, tot het boek decennia later ineens opdook. De schrijver was verheugd, maar hij wilde niet dat het tijdens zijn leven werd gepubliceerd. Zijn nabestaanden mochten er na zijn dood mee doen ‘wat zij goed achtten’.

 

SLUIERS VAN DE DROMEN

 

Bovenlicht’ speelt ergens halverwege de twintigste eeuw in Lissabon. De zon komt op, trekt sluiers van de dromen en de nacht weg. De schrijver zoomt in op een huizencomplex met verschillende bewoners. Een schoenmaker opent zijn winkel en geeft het vertelstokje door aan een jonge vrouw die op haar hakken naar kantoor vertrekt. En zo gaat het verder. De getrouwde Spaanse Carmen, die ‘het leven niet ziet als een overpeinzing maar als een strijd’, heeft heimwee. Een maîtresse wacht op haar weldoener. Een echtpaar leeft in een permanente staat van oorlog:

 

Het vacuüm van de uren die zij samen doorbrachten werd gevuld met niets dan ijzige gevoelens en afwezige blikken. En de muffe geur die in hun huis hing, die onderaardse lucht, was als de geur van een verwaarloosd graf.’

 

Een ander echtpaar krijgt hoog oplopende ruzie vanwege de ziekte van hun oogappel. Saramago beschrijft niet alleen de uiterlijke schijn, hij maakt de lezer ook deelgenoot van de zielenroerselen, de worstelingen en frustraties, de pijn en het verdriet, de (des)illusies en de hartstochten van zijn personages: ‘De begeerte bleef hem belagen als een hardnekkige vlieg.’ Het zijn gewone mensen die gevangen zitten in een leven waaruit ontsnappen schier onmogelijk is:

 

Hij vond dat hij tevreden moest zijn met wat het leven hem had gegeven; anderen waren minder fortuinlijk en toch content. Maar deze vergelijking bracht hem geen rust. Hij wist niet wat hem wel rust zou geven en waar hij dat zou kunnen vinden. Hij wist niet eens of zulke rust wel ergens bestond. Het enige wat hij wist, uit jarenlange ervaring, was dat hij geen rust had. En hij wist ook dat hij ernaar verlangde, als de schipbreukeling naar een plank, als een zaadje naar de zon.’

 

EEN WEB VAN MISVERSTAND

 

Saramago haalt in zijn roman een uitspraak aan van de door hem bewonderde Portugese dichter Fernando Pessoa. Woorden die van toepassing zijn op zijn personages: ‘Moeten wij allen getrouwd, onbeduidend en dienstbaar zijn?’ Aan Pessoa zou Saramago later een schitterende ode brengen in zijn roman ‘Het jaar van de dood van Ricardo Reis’.

Uit de stilistische brille, de psychologische diepgang en de sterke karaktertekening blijkt dat in ‘Bovenlicht’ al een gerijpt schrijver aan het woord is. Saramago zet naast het geluk van het ene echtpaar feilloos de misère van het andere in een web van misverstanden:

 

Hij was als een vogel die ziet dat de deur van zijn kooi openstaat maar aarzelt voor de sprong naar de wereld buiten de tralies.’

 

Buitenbeentjes in deze roman vormen een schoenlapper en zijn vrouw, die in harmonieus geluk leven, en hun jonge 28-jarige kostganger Abel, een soort alter ego van Saramago. De schoenlapper zou gemodelleerd zijn naar diens grootvader. Merkwaardigerwijs komen deze figuren, die het dichtst bij Saramago staan, het minst uit de verf. Hij laat hen lange, filosofisch getinte gesprekken voeren, die door hun wijdlopigheid en herhalingen weldra aan kracht en spanning inboeten. Terloops geeft Saramago ook een tijdsbeeld van Lissabon in de jaren vijftig, toen Portugal zuchtte onder de dictatuur van Salazar, waar een systeem van verklikkers voor veel achterdocht en (zelf)censuur zorgde.

 

BOVENLICHT’ WERPT ANDER LICHT OP JOSÉ SARAMAGO

 

De postume uitgave van deze roman werpt een ander licht op de schrijver, die tot dusver bekend stond als een literaire laatbloeier. Saramago had al veel eerder zijn thematiek gevonden, niet alleen in ‘Bovenlicht’, ook in enkele andere romans en verhalen. In die visie is de mens een wonder en een plaag, voor de ander, maar ook voor zichzelf. Alleen de stijl, waarin hij deze wilde vormgeven moest hij nog vinden: zijn befaamde meanderende lange zinnen en dialogen die alleen worden gescheiden door hoofdletters en komma’s. In dit vertelprocedé houdt een alwetende verteller de regie strak in handen, terwijl de taal op de overvolle bladzijden blijft stromen in een bedwelmend ritme, alsof de verteller rechtstreeks tot de lezer spreekt.

 

LINKSE MORARIST EN LEVENSWIJZE SCHRIJVER

 

Bovenlicht’ is aanzienlijk conventioneler. Maar het boek draagt wel de kiem van wat de linkse moralist en levenswijze Saramago later zou vervolmaken in romans als ‘Opgestaan van de grond’, ‘Het jaar van de dood van Ricardo Reis’, ‘Memoriaal van het klooster’, ‘Het beleg van Lissabon’, het apocalyptische meesterwerk ‘De stad der blinden’ over de verblinde mens die de wereld tot een hel maakt, en ‘Het evangelie volgens Jezus Christus’. Dat laatste boek, met een eigenzinnige kijk op het leven van de Verlosser, veroorzaakte in het katholieke Portugal in de jaren negentig zoveel ophef dat de schrijver zich gedwongen zag om in vrijwillige ballingschap te gaan op het Spaanse eiland Lanzarote. De bekroning met de Nobelprijs in 1998 maakte aan die controverse een einde en van Saramago een held in Portugal en de Spaanstalige landen.

 

Saramago was een op en top Portugese gentleman en bleef een verstokte linkse moralist. Hij hekelde het neoliberalisme en zijn ‘autoritaire kapitalisme’ en maakte zich zorgen over de verloedering van de cultuur.

 

,,We zitten midden in het tijdperk van de trivialisering’’, zei hij. ,,Wanneer ze vandaag de dag over cultuur praten, denken ze aan spektakel.’’

 

Erg optimistisch was hij aan het einde van zijn leven niet: ,,We zijn heel rijk aan goederen, maar heel arm in denken. Ik ben ervan overtuigd dat we aan het einde van een beschaving staan’’, zei Saramago, die volgens zijn Nederlandse vertaler Harrie Lemmens een heel aardige man was, ‘niet de vrolijkste mens op de wereld, geen man van de schaterlach, maar ook zeker niet het totaal chagrijn waarvoor hij wel eens is versleten’.

 

ONTGOOCHELING VAN DE SCHRIJVER

 

Blijft de vraag hoe het mogelijk was dat ‘Bovenlicht’ kon verdwijnen in een bureaula om pas na zoveel jaar weer op te duiken. Het kan aan de slordigheid of ondeskundigheid van de uitgeverij liggen. Aan de kwaliteit in elk geval niet. Het maakt de ontgoocheling van de schrijver die zich voelde afgewezen er des te begrijpelijker en schrijnender op. Misschien had het iets te maken met de lange passage uit de scandaleuze roman ‘De non’ van Diderot die Saramago in zijn boek heeft opgenomen. Het is een erotische passage die een cruciale rol speelt in het leven van Isaura, een jonge vrouw die na het lezen van Diderots roman emotioneel van slag raakt. Hoe het zij, ‘Bovenlicht’ is een welkome aanvulling op het oeuvre van een groot schrijver. Of zoals zijn weduwe het treffend verwoordde:

 

Bovenlicht is de toegangsdeur tot Saramago en zal voor elke lezer een ontdekking zijn. Alsof een volmaakte cirkel gesloten wordt. Alsof de dood niet bestaat.’

 

José Saramago: ‘Bovenlicht’ (‘Claraboia’), vertaald uit het Portugees door Maartje de Kort. Nawoord: Harrie Lemmens. 289 blz, € 19,95, gebonden, uitgeverij Meulenhoff.

 

Augustus, 2013

Een bekorte versie verscheen in kranten van De Persdienst.

UA-37394075-1