Nico de Boer Teksten

Nico de Boer Teksten

Beweeg over de plank met de pijltjes op het toetsenbord, of zoek direct op een titel of auteur:

Man wordt vrouw: ‘Je gaf je geld en werd geopereerd’

Een van de eerste beelden van ‘I am a woman now’ is veelzeggend. De charmante Vlaamse Corinne van Tongerloo, die in 1972 van een jongeman in een jonge vrouw veranderde, bezoekt het graf van dokter Burou. Ze legt rode rozen op zijn zerk en zegt: ,,Voor ik u ontmoette was ik erg ongelukkig. U heeft ons erg gelukkig gemaakt. Mij en al mijn hormonenzusters. Jammer dat ik u niet meer kan ontmoeten, ik had u graag willen omhelzen.”

In zijn documentaire ‘I am a woman now’ kijkt filmmaker Michiel van Erp (Eindhoven, 1963) met de eerste generatie transgender vrouwen terug op hun leven: mannen die zich vrouw voelden en zich operatief van sekse lieten veranderen. De documentaire portretteert vijf oudere dames, tussen de zeventig en tachtig, die als jonge mannen in Casablanca bij de Franse gynaecoloog Georges Burou onder het mes gingen.

Burou, van wie we terloops een goed beeld krijgen, was een pionier op dit gebied, een eenling die zich weinig aantrok van wat anderen ervan vonden. ,,Alle operaties die er nu zijn, zijn gebaseerd op wat dokter Burou in zijn vrije tijd ontdekte”, vertelt de Duitse Jean Lessenich, die in 1972 een geslachtsveranderende operatie onderging. ,,Als je het liet doen was het op eigen risico. De kans dat het fout zou gaan kwam eigenlijk niet ter sprake. Je gaf gewoon je geld en werd geopereerd.” Lessenich herinnert zich dat Duitse artsen haar na de ingreep alleen naar de technische kant van de zaak vroegen. ,,In mijn persoon waren ze niet geïnteresseerd. Ze zeiden alleen: ik begrijp niet dat je je lustobject kunt laten afsnijden. Ze waren wel verbaasd over hoe goed het was gedaan.”

De Britse April Ashley, geopereerd in 1960, was een van Burou’s eerste patiënten. Ze was een meisjesachtige jongen voor wie haar broers en zussen zich schaamden. ,,Op kerstavond zette mijn moeder mij het huis uit. Ik mocht nooit meer terugkomen. En dat deed ik ook niet.” Na enkele zelfmoordpogingen belandde ze in een psychiatrische kliniek. ,,Alles wat je je van zo’n gesticht voorstelt, hebben ze mij laten ondergaan.” De ontmoeting met Burou betekende haar redding. Daarna werkte ze in een Parijse nachtclub. In Casablanca ontmoet ze haar kapper uit die tijd, die nóg hoog opgeeft over haar schoonheid: ,,Ze was mooier dan welke Hollywoodster ook.”

Transgenders, mannen die zich vrouw voelen en andersom, is een beladen onderwerp – voor de meesten een ver-van-mijn-bedshow – dat omgeven is met veel vooroordelen en misverstanden. Het wordt in de film onder meer geïllustreerd in de scène waarin de Vlaamse Corinne haar vriendin aan de keukentafel eindelijk durft te vertellen dat ze vroeger ,,geen Corinne maar een Cornelis” was. De vriendin reageert ontsteld. Ze had nooit het flauwste vermoeden gehad en moet zichtbaar bijkomen van de schok.

In zijn film laat Van Erp, die eerder documentaires als ‘Postmoderne hutspot’, ‘Toen zij van Rotterdam vertrokken’ en ‘Erwin Olaf, on beauty and fall’ maakte, mooi de innerlijke strijd van de vrouwen zien, de worstelingen in hun jeugd, de moeizame acceptatie en de manier waarop ze na de operatie in een ander lichaam, als herboren, de draad weer oppakten. Ze praten openhartig over hun (seksuele) relaties en de complicaties daarbij, en over het ouder worden. En hoewel niet al hun dromen zijn uitgekomen, staan de vrouwen opvallend positief in het leven. Geen van hen heeft spijt van hun ingrijpende metamorfose. Integendeel. Tijdens een ontmoeting op het strand zegt de Britse April tegen de zoon van dokter Burou, terwijl ze op het terras zijn handen vastpakt: ,,Jouw vader zorgde ervoor dat ik een van de gelukkigste mensen van de wereld ben geworden.”

 

November, 2012

UA-37394075-1