Nico de Boer Teksten

Nico de Boer Teksten

Beweeg over de plank met de pijltjes op het toetsenbord, of zoek direct op een titel of auteur:

Nasrdin Dchar: ‘Het is vreselijk dat de mens niet verandert’

Met zijn bevlogen Kalf-speech veroorzaakte acteur Nasrdin Dchar in het najaar van 2011 een mediahype. ,,,Ik dacht: ik ga gewoon wat zeggen wat uit mijn hart komt.”

 

Nasrdin Dchar (1978) stal op televisie de show tijdens de uitreiking van de filmprijzen op de slotdag van het Nederlands Film Festival 2011. Zijn emotionele en politieke toespraak als ‘dankwoord’ voor zijn Gouden Kalf voor de beste mannelijke hoofdrol (in de roadmovie ‘Rabat’), werd een hit op YouTube die eindeloos werd doorgelinkt in andere sociale media: ‘Ik ben een Nederlander, ik ben heel trots met Marokkaans bloed, ik ben een moslim, en ik heb een fokking Gouden Kalf in m’n hand!’

Het was een ontroerend spontane toespraak, waarin hij een statement naar ‘Den Haag’ maakte. Recht uit het hart, waarbij hij ook zijn ouders in de zaal betrok. Zijn speech echoot nog na. De impact had hem zelf ook verrast, vertelt hij een kleine maand later. ,,Ik dacht: ik ga gewoon wat zeggen wat uit mijn hart komt, over de film, over mezelf. Maar ik raakte bij veel mensen blijkbaar een gevoelige snaar. Dat is ongelooflijk en mooi. Daar ben ik verschrikkelijk trots op, maar het zegt ook iets over de tijd waarin we nu leven. Ik denk ook dat ik echt wat te vertellen heb. Wat ik te vertellen heb leg ik normaal gesproken in de verhalen op toneel en in film. Ik ga niet zomaar iets spelen. Ik zoek mijn projecten wel uit. Daarbij is het engagement belangrijk voor mij.”

Het Gouden Kalf staat nu bij hem thuis te pronken op de kast. ,,Ik kan niet omschrijven hoe blij en trots ik ben. Dit pakt niemand mij meer af.” Maar het blijft onwezenlijk, voegt hij eraan toe. Omdat hij het zo druk heeft? ,,Nou, dat valt mee, in mijn hoofd is het wel heel druk.” Na de mediastorm werd hij nadrukkelijk in de luwte gehouden. ,,Mijn agent en ik houden alles tegen. Ik zou het héél druk kunnen hebben als ik overal op in was gegaan, maar dat zie ik gewoon niet zitten. Ik wil me gewoon focussen op mijn vak, acteren. Alles daaromheen laat ik voorlopig overwaaien.”

Hij maakt een uitzondering voor dit gesprek in de stationsrestauratie op CS Amsterdam om enthousiasmerend over ‘Branden’ te vertellen. De voorstelling van het Ro Theater in een regie van Alize Zandwijk werd door zowel pers als publiek juichend ontvangen en heeft de Rotterdamse basis verlaten voor een landelijke tournee. Tijdens het gesprek komt het Kalf terloops meermalen voorbij, net als de films waarin Dchar te zien was, waaronder ‘Tirza’, ‘Lotus’ en de oorlogsfilm ‘Süskind’. In die laatste film speelt hij de rechterhand van Walter Süskind, die zo’n zeshonderd Joodse kinderen aan de Jodenvervolging heeft helpen ontsnappen. ,,Mooie bijrol. Een Joodse man, Felix Halverstad. Voor het eerst speel ik in film iemand die losstaat van mijn achtergrond.”

Trots praat hij ook over de geprezen solovoorstelling ‘Oumi’, die hij in het seizoen 2010-2011 speelde, een persoonlijk en tegelijk universeel verhaal op een toneeltekst van Maria Goos over de verhouding van een jonge man met zijn in Marokko geboren moeder.

 

‘Liefde overwint alles. Ik geloof daar in

en ik hoop dat iedereen erin gelooft.’

 

‘Branden’, deel twee van een vierluik van de Canadees-Libanese schrijver Wajdi Mouawad is een groots toneelstuk, opgezet als een zoektocht naar de oorsprong van geweld en haat. Nasrdin Dchar noemt het ,,het mooiste stuk” waarin hij tot dusver heeft gestaan. In ‘Branden’, ook bekend van de film ‘Incendies’, speelt hij de tweelingbroer Simon die in de sporen van zijn zus naar de geschiedenis van zijn moeder speurt. ,,Het is een belangrijk en mooi stuk omdat het over iets heel groots gaat. Over de gruwelen van oorlog. En daarin wordt een klein verhaal verteld maar dat kleine verhaal is ook weer heel groot omdat uiteindelijk de liefde overwint. Liefde overwint alles. Ik geloof daar in en ik hoop dat iedereen erin gelooft. Het gaat over deze tijd, over wat mensen elkaar aan kunnen doen, over identiteit, geschiedenis. Weten waar je vandaan komt.”

,,Dat heb ik naar aanleiding van ‘Oumi’ ook gedaan. De verhalen van mijn ouders kende ik eigenlijk niet. Naar aanleiding van ‘Oumi’ heb ik mijn moeder geïnterviewd en kwam erachter. De tweelingbroer die ik in ‘Branden’ speel wil in eerste instantie niks met de geschiedenis van zijn net overleden moeder te maken hebben. Doordat hij iets heftigs leest en denkt: wow!, dit heeft mijn moeder meegemaakt, verandert dit. En komt hij achter een geschiedenis die zijn weerga niet kent!”

De zoektocht naar identiteit is inmiddels een rode draad in Dchars leven. ,,Het heeft met mijn leeftijd te maken, denk ik. Ik ben van 1978. Ik was 30 toen ik mijn moeder interviewde. Daar had ik gewoon behoefte aan. Ik kwam erachter dat alles wat ik maakte uitkwam bij de vraag: wie ben ik nu eigenlijk? Volgens mij heeft het ook te maken met de tijd waarin ik nu leef. Ik wil straks ook kinderen. En voor hen is het ook belangrijk om te weten wie hun grootouders zijn, waar ze vandaankomen. Wie zijn eigen geschiedenis kent, leert zichzelf beter kennen.”

‘Branden’ speelt in een niet bij name genoemd land in het Midden-Oosten, vóór de ‘Arabische lente’. Toch ziet hij wel een link. ,,In opstand komen tegen regimes die slecht zijn. Dat is natuurlijk. Ik heb een groot respect voor die mensen. Het komt volgens mij ook vooral uit de jonge garde. Ze weten dat heel veel mensen hiervoor moeten sterven, maar het is een revolutie. Ze doen het ook voor de mensen die nog gaan komen, voor de kinderen die ze nog gaan krijgen. Dan ben je in mijn ogen zó sterk.”

 

‘Ja, vreselijk, dat wij mensen niet veranderen’

 

Het is ook een tijdloos verhaal. ,,Ja, vreselijk. Het betekent dat wij mensen niet veranderen, dat zie je door de geschiedenis heen. Wat wij mensen elkaar aandoen is bizar, we leren blijkbaar niet van wat er in de afgelopen eeuwen gebeurd is. Maar gelukkig hebben we het theater om dat te laten zien. Toneel laat zien dat je uit iets verschrikkelijks toch iets moois kunt halen.”

,,Alize (Zandwijk) heeft ervoor gekozen om de voorstelling op een naïeve, wat kinderlijke manier te vertellen. Dat werkt zo goed omdat die verhalen zo gruwelijk zijn. Door die naïviteit die ook verbeeld wordt in de vormgeving kunnen we het publiek meevoeren. Anders zou het te zwaar zijn, denk ik, dan zou het publiek na een half uurtje afhaken.” Het is de lichtheid die het draaglijk maakt? ,,Absoluut. Het is een voorstelling en dat heb ik niet zo vaak meegemaakt, waarin alles op zijn plek valt.”

 

‘Belangrijk is dat je vooral jezelf blijft.

Je niet laten kennen. Geloven in jezelf.’

 

Nasrdin Dchar, acteur en bedrijfseconoom, genoot zelf een onbekommerde jeugd in Steenbergen, waar hij tot zijn 24e woonde. ,,Ik heb altijd wel te maken gehad met het idee dat ik anders was dan de rest van mijn klasgenoten. Maar op de een of andere manier hebben mijn ouders mij zo opgevoed dat dat niet belangrijk was. Belangrijk is dat je vooral jezelf moet blijven. Je niet laten kennen. Geloven in jezelf. Ja, ik heb een hele fijne jeugd gehad. Mijn ogen gingen open toen ik ging studeren. Toen dacht ik, hè, bestaat dit ook nog? De multicultisamenleving in Rotterdam. Ik was afgewezen voor de toneelschool in Utrecht en was goed in cijfers. Ik dacht: ik moet toch maar een vak kiezen. Vandaar dat ik bedrijfseconomie ging doen. Mijn ouders blij. Tijdens mijn studie begon ik toch weer te spelen.”

Bij het RO Theater, waar hij jaarlijks in een theaterproductie staat, voelt hij zich op zijn plek. ,,Het is een ongelooflijk fijne plek. Ik hou wel van die bescheidenheid. Het zijn heel bescheiden mensen en dat ben ik zelf ook. Ik ben een fan van het werk van Alize Zandwijk, laatst weer van haar voorstelling ‘De dood van een handelsreiziger’. Ik weet niet hoe ze het steeds flikt, maar haar stukken komen altijd – floep (hij klopt op zijn hart) – hier binnen.”

 

‘Bij mij kwam genieten een beetje op de

achtergrond. Dat moet ik niet meer doen.’

 

Intussen, zegt Nasrdin Dchar, is hij ,,blij met wie ik ben en wat ik tot nu toe heb bereikt. Het laatste anderhalf jaar kan ik steeds vaker in de spiegel kijken en denken: ik ben gewoon blij.” Had hij dit daarvoor niet? ,,Ik stond er gewoon niet bij stil. Ik heb het mezelf heel lang heel moeilijk gemaakt. Om altijd maar door en door te gaan, dat was mijn manier om stappen te zetten. Bij mij kwam genieten altijd een beetje op de achtergrond. Dat moet ik niet meer doen.”

Het kwartje viel tijdens het draaien van ‘Rabat’. ,,We reden van Barcelona naar Zuid-Spanje. Zat ik in de auto weer te malen en te malen, want dat kan ik heel goed, malen. Een collega en vriend draaide zich om. Hij zei, ‘Kom op, Nasrdin, waar ben je nou mee bezig, man? Je bent alleen maar aan het malen. Kijk om je heen. Kijk naar ons, naar wat we aan het doen zijn. We zijn een droom aan het verwezenlijken! Geniet! Geniet hiervan.’ En dat probeer ik sindsdien steeds meer te doen.”

 

www.rotheater.nl.

 

Oktober, 2011

 

UA-37394075-1