Nico de Boer Teksten

Nico de Boer Teksten

Beweeg over de plank met de pijltjes op het toetsenbord, of zoek direct op een titel of auteur:

Nobelprijs voor literatuur 2010 voor Mario Vargas Llosa Stilist tegen de machtshonger

De Nobelprijs voor de literatuur werd in 2010 toegekend aan de Peruaanse schrijver Mario Vargas Llosa (1936). Hij prijkte toen, voor zover bekend, niet op de lijstjes van de talloze Nobelprijswichelaars.

 

Toch kwam de uitverkiezing van de maatschappelijk betrokken auteur niet als een verrassing en er waren weinig lezers lezers die hem de grote prijs van 10 miljoen kronen (1,1 miljoen euro) misgunden.

Vargas Llosa brak in 1963 internationaal door met de roman ‘De stad en de honden’, al noemt hij zichzelf geen natuurtalent. Vroegrijpe schrijvers bestaan volgens hem niet. Auteurs die ertoe doen schrijven hun beste boeken op latere, rijpe leeftijd. ,,Alle grote, bewonderenswaardige schrijvers waren in het begin leerlingschrijvers”, zei de 74-jarige schrijver die prachtige romans op zijn naam heeft staan als ‘De stad en de honden’, ‘Het groene huis’ en een erotisch tussendoortje als ‘Lof der stiefmoeder’.

Volgens Vargas Llosa word je schrijver door de omstandigheden. Enig talent is onontbeerlijk, maar volgens hem spelen discipline, doorzettingsvermogen, geloof in eigen kunnen en een portie geluk uiteindelijk een veel grotere rol. De Nobelprijswinnaar is ervan overtuigd dat een schrijver die wil slagen daarvoor alles dient op te offeren: ,,Ik geloof dat alleen degene die zijn intrede doet in de literatuur alsof hij in het klooster gaat, met de bereidheid al zijn tijd, energie en krachten aan zijn roeping te wijden, in staat is werkelijk schrijver te worden en een werk te schrijven dat hem overstijgt.”

In veel van zijn romans draait het om macht en machtsmisbruik en legt hij de mechanismen van terreur bloot. In ‘De oorlog van het einde van de wereld’ (1981) komt een charismatisch leider in het 19-eeuwse Brazilië in opstand tegen duivelse uitvindingen als de Republiek, de scheiding van kerk en staat en zelfs het decimale stelsel. Meesterlijk is ook ‘Het feest van de bok’ (2000), dat speelt op het Caribische eiland Santo Domingo in de tijd van dictator Trujillo. In deze roman fileert Vargas Llosa de perversiteit en banaliteit van dictatuur en machismo, en de schaamteloze hanigheid tegenover vrouwen.

Dat er telkens dictators opduiken in geschiedenis van Latijns-Amerika wijt hij aan het gebrek aan democratische tegenkrachten. ,,Als er geen remmen zijn, leidt dat uiteindelijk tot brute vormen van machtsuitoefening,” zei hij daarover. ,,Democratie is een systeem van remmen en tegengewichten.”

Hij was en is een pleitbezorger van het economisch liberalisme en politieke democratie. Zelf was hij ook enige tijd politiek actief. Eind jaren tachtig was hij zelfs in de race voor het Peruaanse presidentschap, een periode waarop hij terugkijkt als een zwarte bladzijde in zijn levensgeschiedenis. Hij verloor van Alberto Fujimori, die later na een volksopstand moest aftreden en vluchten. Vargas Llosa droeg zijn verlies manmoedig en schreef er uitvoerig over in ‘De vis in het water’ (1993). Als journalist en essayist is hij nog steeds maatschappelijk betrokken en ook publiekelijk neemt hij geen blad voor de mond. Zo waarschuwde hij vorig jaar het Venezuela van president Hugo Chavez dat het langzaam afglijdt naar de dictatuur van het communisme.

Mario Vargas Llosa is bovenal een begenadigd verteller en een groot stilist. In zijn vroege werk paste hij in navolging van James Joyce en William Faulkner het literair procedé van de stream of consciousness toe en vertelde hij zijn verhaal vanuit verschillende perspectieven. In de Latijns-Amerikaanse literatuur is hij een vreemde eend in de bijt. Het magisch-realisme van Gabriel García Márquez is hem vreemd. Dat hij toch een typische Zuid-Amerikaanse schrijver is, komt doordat zijn boeken zowel in de stad als op het platteland van Peru, Argentinië en Brazilië spelen. Zo speelt ‘De stad en de honden’ in een rigide cadettenschool in Lima die Vargas Llosa uit eigen ervaring kende.

De problemen waarmee Latijns-Amerika worstelt, komen in zijn boeken uitvoerig aan de orde: de sociale misstanden, de politieke machtshonger, de hardheid van het bestaan en de menselijke waardigheid. ‘De mens’ is volgens Vargas Llosa het werkelijke thema van zijn werk. De mens die net als de schrijver met zijn ervaringen van alledag zijn toevlucht neemt tot de fantasie en verzinsels om het leven te verrijken.

 

Oktober, 2010

 

UA-37394075-1