Nico de Boer Teksten

Nico de Boer Teksten

Beweeg over de plank met de pijltjes op het toetsenbord, of zoek direct op een titel of auteur:

P.F.Thomése: ‘Wij leven in een openbare pornografie’

Zijn publieke doorbraak kwam met ‘Schaduwkind’, een aangrijpend literair kleinood over de dood van zijn dochtertje, kort na haar geboorte. Zijn roman ‘Vladiwostok!’ is volstrekt anders. Een boek over mannetjesmakerij, de hitsige leegheid en onverschilligheid van de politiek, dat door het stilistische vuurwerk toch een echte Thomése is. ,,Het is het smerigste boek dat ik ooit geschreven heb.’’

 

‘Vladiwostok’! is niet zozeer een politieke roman als wel een over de ‘nieuwe politiek’. P.F.Thomése noemt het zelf een ‘post 9/11 roman’. ,,Het gaat over ambitie, over gevestigde macht’’, zegt Pieter Frans Thomése (1958, Doetinchem) – een rijzige verschijning met een opvallend wilde haardos – in zijn woning in Haarlem. ,,De mensen achter de macht zijn vrij saai. De mislukkelingen, de halfwastalenten, de vallende engelen, de mensen die het net niet halen, die zijn het interessantst omdat daar iets wringt, iets niet klopt.’’

Zijn roman gaat niet alleen over politieke macht, ook over die van de media, over de macht van mannen over vrouwen en die van vrouwen over mannen. ,,Vrouwen zien zichzelf graag als gevoelig en als slachtoffer. Ik heb in mijn boek vrouwen niet zwakker willen laten zijn dan de mannen. De vrouwen zitten net zo goed in het ‘complot’. De vrouwen van nu zijn ook veel harder dan die van twintig jaar geleden.’’

In ‘Vladiwostok!’ wil ene Fons Nieuwenhuijs, politiek strateeg en communicatieadviseur, zijn vriend Hans Portielje in de Haagse politiek ‘neerzetten’, om in jargon te spreken. De flamboyante Portielje bedriegt zijn vrouw. De morsige mannetjesmaker Nieuwenhuijs is niet zo’n rokkenjager. Hij aanbidt zijn vrouw Pam, een ex-tv-presentatrice, met wie hij een bureau runt. Bovendien heeft hij zijn handen vol aan zijn twee heimelijke gezinnetjes waarvan zijn vrouw geen weet heeft. Thomése laat aan de hand van zijn narcistische personages zien hoe (politiek) bedrog in de praktijk werkt. ,,Nieuwenhuijs en Portielje zijn bondgenoten en belazeren de rest, maar ze belazeren ook elkaar en uiteindelijk zichzelf. Elk bedrog is zelfbedrog.’’

Het is een lege wereld die Thomése oproept, waarin hij ongeremd een stem geeft aan de oprispingen uit de onderbuik van zijn hoofdpersonen. Bij de presentatie van zijn boek merkte hij al op dat het ,,over politiek schrijvend, allengs een behoorlijk schunnige toestand werd, waarbij schuttingwoorden en kazernetaal helaas niet altijd te vermijden bleken’’.

Met de geseksualiseerde gedachten van de hoofdpersonen wil Thomése ‘de pornografie van onze maatschappij’ laten zien. ,,Ik ben een liefhebber van Félicien Rops, de 19de-eeuwse etser. In zijn tijd was pornografie het meest exclusieve wat je kon bezitten omdat het verboden was en geen bestaansrecht had. Wij leven nu in een openbare pornografie. Het is een banale wereld, waarin de pornografie niet meer beperkt is tot geheime nissen. Zij is overal zichtbaar, op de tv, in de Tweede Kamer, in de journalistiek, overal. Een pornografisch model stelt zich letterlijk open. Je kunt bij wijze van spreken zo door de kier naar binnen kijken. Hetzelfde doen de persoonlijkheden – tussen aanhalingstekens – van tv, media en politiek. Ze stellen zich zogenaamd helemaal open, maar je ziet niks.’’

,,Dat kunstmatige, dat gelikte zie je overal, ook in de moderne kunst, in films, in popmuziek. De gekunsteldheid van popsterren. Je vraagt je af of ze nog van vlees en bloed zijn, maar het is een bewuste façade. Net als het bloot op straat. Dat is of getatoeëerd, gepiercet of anderszins bewerkt, het is nooit meer echt bloot. Het gekke is dat hoe meer ze tonen hoe minder je ziet. Ik dacht eerst dat het met ouder worden te maken heeft. Je raakt verzadigd, ik denk echter dat het om een cultuuromslag gaat.’’

Maar is in de samenleving niet tegelijk een nieuwe braafheid in opmars, gesymboliseerd door premier Balkenende? ,,Die nieuwe braafheid is van hetzelfde exhibitionistische karakter. Als je braaf bent ga je niet roepen: ‘Ik ben een nette jongen.’ Als je dat wel zegt ben je in mijn ogen al een beetje vies.’’

Met hoeveel merkbaar plezier Thomése zijn roman ook moet hebben geschreven, onderhuids schrijnt een wrokkige woede. ,,Een boek schrijven is een daad van zorgvuldigheid, toewijding en liefde. Maar de bron is woede en verongelijktheid die gestileerd worden. Toch zou ik het prettig vinden als bepaalde mensen zich aangesproken voelen. Die ga ik niet bij name noemen omdat het dan onschuldig wordt. Ik wil niet dat andere mensen denken: O, het gaat over hem, dus niet over mij.’’

Vladiwostok’ is niet alleen een vilein boek, het heeft ook zijn zachte kanten. ,,De zekere kwetsbaarheid in ‘Vladiwostok!’ heeft te maken met de rol van de kinderen erin. Als je zelf met opvoeden bezig bent of een kind verliest, valt pas op hoe grof en onverschillig mensen met hun kinderen omgaan. Dan heb ik het niet eens over mishandeling, maar over de achteloosheid waarmee ouders met hun kinderen communiceren, zonder ze aan te kijken. Een moeder die loopt te schreeuwen in een winkelstraat of haar kind met zich mee sleurt. Wat is dat voor een rare omgangsvorm, denk ik dan. Omdat het een kind is denk je dat je het zo kunt behandelen? Ik had de rol van de kinderen nodig om een zekere diepte en spanning in mijn boek te brengen, want met alleen maar kerels en hun obsceniteiten krijg je een plat verhaal.’’

Vladiwostok!’ leest gemakkelijk en snel. De roman is op de maat van deze tijd gesneden. ,,Heb ik bewust gedaan. Nadat ik voor ‘Zuidland’ (1990) tot mijn schrik de AKO Literatuur Prijs had gekregen, dacht ik: ik kan een hele reeks van dergelijke verhalenbundels schrijven. Maar dat greep me bij de keel. Ik wil heel veel andere dingen doen, zoals met dit messcherpe boek wraak nemen op de wereld. Ik word óók gepiepeld aan elk loket waaraan ik me vervoeg, ook ik word aan de telefoon afgepoeierd. Want dat is toch wel een van de heimelijke repelsteeltjesachtige genoegens van de schrijver, om thuis, als niemand het ziet, het allemaal goed op te schrijven. En ik vind het heerlijk om me ook eens machtig te voelen.’’

 

P.F.Thomése: ‘Vladiwostok!’, roman. Uitgeverij Contact, 295 blz, … euro. ISBN 978 90 254 2429 9 (gebonden), ISBN 978 90 254 2295 0 (paperback). Verschijningsdatum: vrijdag 7 september.

 

Naar Vladiwostok!

met Ramses Shaffy

 

De titel van Thoméses nieuwe roman, ‘Vladiwostok!’ is een bescheiden eerbetoon aan wijlen Ramses Shaffy. De schrijver en zijn latere vrouw kwamen de flamboyante artiest eind jaren negentig tegen in een Amsterdams café waar hij stennis trapte.

,,Het was in een periode dat ik zelf veel in de nacht ronddoolde. Shaffy werd eruitgegooid. Dat was toch een oneervolle aftocht voor de grote, geliefde zanger. We vonden dat we Ramses netjes naar huis moesten brengen. We bestelden een taxi en propten hem erin. De chauffeur, die bezorgd om zijn bekleding weinig zin had in de rit, vroeg korzelig: ‘Waarheen?’ Ramses ontwaakte zo’n beetje en riep met een joyeus gebaar: ‘Vladiwostok!’’’

,,Dat heb ik altijd onthouden en ineens kwam het weer naar boven. Zo’n uitroep heeft iets van een volkomen desillusie. Van Verweggistan, als het maar ver weg is. Er spreekt onverschilligheid uit, want wat maakt het uit waar ik naartoe ga. Het heeft tegelijk iets vrolijks, iets van een toost: Vladiwostok!’’

 

Schaduwkind’: boek

als levensbehoefte

 

Voordat P.F.Thomése doorbrak naar een groot lezerspubliek was hij voornamelijk bekend in kringen van literaire fijnproevers. ‘Schaduwkind’ (2003), waarin hij schreef over de dood van zijn pasgeboren dochter Isa, trok wereldwijd de aandacht. Het is in meer dan achttien landen vertaald. ,,Het heeft overal heftige reacties opgeroepen, ook in Duitsland. Tijdens een lezing van mij daar zat ook mijn eigen uitgever een traantje weg te pinken.’’

Aanvankelijk had de schrijver niet de intentie om het te publiceren. Dat kwam pas later toen zijn uitgever fragmenten onder ogen kreeg. ‘Schaduwkind’ had meteen veel impact. ,,Ik kreeg altijd wel iets te horen over mijn boeken, maar zoveel heftige reacties als ‘Schaduwkind’ opriep, was ik niet gewend. Het had ook iets geruststellends, het idee dat literatuur nuttig kon zijn. Daar had ik nooit bij stilgestaan. Ik had daarvoor altijd het gevoel dat schrijven voor spek en bonen is. All art is quite useless (Oscar Wilde). Dat mensen pas een boek gaan lezen als ze niets anders te doen hebben. Toen kwam ik erachter dat het voor heel veel mensen een soort levensbehoefte was om ‘Schaduwkind’ te lezen.’’

Thomése heeft nu twee zoons. ,,Die zijn snel na Isa gekomen. Zij is overleden 16 april 2002. Mijn oudste zoon Frederik is geboren op 22 oktober 2003, redelijk snel daarna. Het is de enige manier. Het was gewoon het verlangen naar een kind.’’

 

September, 2007

UA-37394075-1