Nico de Boer Teksten

Nico de Boer Teksten

Beweeg over de plank met de pijltjes op het toetsenbord, of zoek direct op een titel of auteur:

Paul R. Kooij is hartveroverende autist in ‘Rain man’

‘MAG IK ZO’N MAN WEL SPELEN?’

Wie ‘Rain Man’ in het theaterseizoen 2011-2012 zag spelen, was het erover eens. Paul R. Kooij stal daarin de show als de hartverwarmende autist Raymond. ,,Tegen mensen die er verstand van hebben, zeg ik: ik doe maar wat.

De toneelvoorstelling van De Utrechtse Spelen is gemaakt naar de beroemde roadmovie uit 1988 met Dustin Hoffman en Tom Cruise in de hoofdrollen. En daarvan werd vooral de even geniale als kwetsbare en deerniswekkende Raymond van Paul R. Kooij geprezen. Hij deed met zijn rol de herinnering aan Dustin Hoffman zelfs verbleken.

Maar de ‘Rain Man’ van De Utrechtse Spelen, beklemtoont Kooij, is niet te vergelijken met de film. Het is beslist geen blauwdruk. ,,We spelen die film niet na. Mensen die denken dat ze de film op toneel gaan zien, komen bedrogen uit. De film is de film. Dit is de theaterbewerking”, zegt acteur Paul R.Kooij, die op tv bekendheid verwierf als de Boze Buurman in de verfilmde musical ‘Ja zuster, nee zuster’.

Rode draad in ‘Rain Man’ is de band tussen twee broers. Tussen Charlie Babbitt (Benja Bruijning), een zelfzuchtige yup, en zijn autistische broer Raymond (Paul R.Kooij). Charlie ontdekt dat het grootste gedeelte van de erfenis van zijn vader naar Raymond gaat, van wiens bestaan hij niets af wist. En op die erfenis heeft hij zijn zinnen gezet. ,,Hij denkt dat hij enig kind is en komt er na jaren achter dat zijn broer in een tehuis zit. De voorstelling gaat eigenlijk niet over autisme, maar over die twee broers en over de complexiteit van communicatie. Er waren bezoekers die opmerkten dat de jongere broer ook niet helemaal vrij is van autistische kenmerken. Dat is ook zo. Hij is een vrij rechtlijnige denker.”

De autist van Paul Kooij is een geromantiseerde figuur. ,,Als je een echte autist laat zien, ook met zijn ellende, dan is dat een zware toestand. Ik speel een man die op hoog niveau functioneert. Ze noemen het ook wel een autist met het savantsyndroom. Hij heeft een enorm geheugen. Alles wat hij leest onthoudt hij. Hij is een beetje gebaseerd op de figuur die twee bladzijden tegelijk kon lezen. Zijn linkeroog las de linker bladzijde, zijn rechteroog de rechter bladzijde.”

Zijn personage kent ook zo’n beetje alle vliegtuigrampen uit zijn hoofd. ,,Ja, er zit een scène in waarin hij op het vliegveld volledig doorslaat omdat hij moet vliegen. Bij elke vliegmaatschappij herinnert hij zich precies wanneer een toestel is neergestort en hoeveel doden er waren. Er zijn mensen die zo’n brein hebben. Dat is fascinerend maar ook beangstigend. Een drama.”

Kooij’s rol is geen alledaagse. Hoe heeft hij zich destijds voorbereid? ,,Ik heb wel meer karakters met ziektebeelden gespeeld. Maar deze materie is zo complex. Ik heb me er uitgebreid in verdiept en dan ontdek je hoe breed het autistische spectrum is. Natuurlijk kun je uit de boeken een aantal kenmerken opdiepen en die in de praktijk brengen. Maar dé autist bestaat niet. Ik heb dus heel eigenwijs gedacht: ik moet er gewoon mijn eigen figuur van maken. Tegen mensen die er verstand van hebben, zeg ik: u bent van harte welkom bij de voorstelling, maar – tussen aanhalingstekens – ik doe maar wat. We hebben een voorstelling gespeeld voor autisten, hun ouders en deskundigen, en die waren onder de indruk. Het is me zelfs overkomen dat ik na afloop werd aangesproken door iemand die oprecht verbaasd opmerkte: ‘O, u bent niet zo!”

Toch was er aanvankelijk ook twijfel. ,,Die is er altijd wel als je je voorbereidt. Dat je denkt, het wordt helemaal niks. Maar dat zegt misschien meer van de acteur zelf. Hoe krijg je het op een verantwoorde manier verbeeld? Ik heb bij deze rol gedacht: mag dat wel, zo’n man spelen? Mag ik hem wel spelen zoals ik dat doe? Het is haast gênant. Dat ik dacht: wat sta ik hier te doen? Dat heb ik hier meer gehad dan bij welke andere rol ook. Toen dacht ik, nou ja, doe het in elk geval dan zó dat mensen erin tuinen.”

 

Dat bij steeds meer mensen de diagnose autisme wordt gesteld, verbaast hem niet. ,,Dat komt vooral door de hedendaagse maatschappij. Vroeger vielen bepaalde eigenschappen niet zo op, maar door de toename van prikkels, doordat er van alles op je afkomt, vallen mensen eerder door de mand, om het zo te zeggen. Het woord autist, heb ik gemerkt, is ook een gemakkelijk soort aanduiding geworden. Laatst hoorde ik een journalist over een politicus zeggen: die man heeft autistische trekjes.”

De voorstelling combineert op een tragikomische manier twee actuele thema’s: het contact tussen mensen en autisme. ,,Er kan ook ontzettend gelachen worden. Goed aan de voorstelling is dat het tragisch is, maar dat mensen er ook om kunnen lachen. In de eerste try-outs was ik daar een beetje door overvallen. Hè, dacht ik, staan ze me nu uit te lachen? Ik kwam erachter waarom ze lachten. Het bleek omdat de figuur die ik speel zo onverwacht reageert op situaties. Het is vaak ook een beetje een ongemakkelijke lach. Mensen gaan naar de schouwburg om een mooi verhaal te zien. En dat krijgen ze. Het is ontroerend, je kunt je erin herkennen, al is het soms extremer. Er waren mensen die me zeiden: ‘Zo ga ik ook om met mijn broer of met mijn kinderen. Ik snap dat wel’.”

Voorstelling ‘Rain Man’ van Dan Gordon door De Utrechtse Spelen. Regie: Jos Thie. Met Paul R. Kooij, Benja Bruijning, Anna Drijver, Joop Keesmaat, Hilbert Dijkstra, Shertise Solano. www.deutrechtsespelen.nl.

Over Ko en De Boze Buurman

Paul R. Kooij (1956) speelde onder meer bij het Publiekstheater, het Noord Nederlands Toneel, Het Zuidelijk Toneel, Bonheur, De Utrechtse Spelen en het Ro Theater. In de jaren negentig was hij op tv te zien als postbode Anton Gleuf in de ‘Ko de boswachtershow’. Bij het grote publiek verwierf hij vooral bekendheid als de Boze Buurman in de verfilmde musical (Ro Theater) ‘Ja zuster, nee zuster’ van Annie M.G. Schmidt en Harry Bannink. ,,Maar dat is alweer lang geleden. Het gebeurt wel eens een enkele keer dat ik eraan herinnerd word. Omdat ik verder geen tv-carrière heb, blijft dat lang staan.” Bij De Utrechtse Spelen was hij te zien in ‘De ingebeelde zieke’ van Molière en ‘Veel gedoe om niks’ van Shakespeare. De R in Kooij’s naam staat voor René, zijn tweede naam, die hij ooit op de toneelschool voor de grap toevoegde en dat maar zo gelaten heeft.

 

Oktober, 2012

UA-37394075-1