Nico de Boer Teksten

Nico de Boer Teksten

Beweeg over de plank met de pijltjes op het toetsenbord, of zoek direct op een titel of auteur:

Pauline Slot: ‘Eten kan niet troosten’

Veel vrouwen hebben eetproblemen, maar zwijgen erover. Schrijfster Pauline Slot niet. In haar roman ‘De inwendige’ schrijft ze over een vrouw die geobsedeerd is door eten. ,,Eten kan niet troosten. IJs neemt geen pijn weg. Delen met een ander, dat kan wel.’’

 

In ‘De inwendige’ wordt een vrouwenleven van kind tot middelbare leeftijd aan de hand van eetmomenten beschreven. Alles ziet de hoofdpersoon in het perspectief van voedsel en eten.

 

,,Eten is nodig, eten is fijn, je kunt er plezier aan beleven, het is sociaal’’, zegt Pauline Slot in een café te Leiden, de stad waar ze lange tijd woonde en Nederlands studeerde. ,,Wie wel eens lange fietstochten maakt, kent vast dat gevoel van de fameuze hongerklop. Dan word je je er weer van bewust dat eten brandstof is. Dan moet je iets binnenkrijgen, het is een fysieke noodzaak. Eten is dan een beloning na een zware inspanning.’’

 

Maar eten kan ook een obsessie worden en het bestaan volkomen beheersen. ,,Voor veel mensen is eten niet alleen zorgen dat je brandstof binnenkrijgt. Er zit veel meer aan vast. In mijn boek probeer ik te laten zien hoe het uit de hand kan lopen, maar ook hoe het langzaam aan weer gewoner wordt.’’

 

ZUIDERKRUIS’ EN ‘BLAUWBAARD’

 

Pauline Slot (1960, Den Haag) debuteerde in 1999 met de roman ‘Zuiderkruis’, dat een artistiek en commercieel succes was. Hierna verschenen de romans ‘Blauwbaard’ (2000) en ‘Tegenpool’ (2001). De hoofdpersoon in haar vierde roman ‘De inwendige’ heet Alma Oosting, het alter ego van de schrijfster, zij het dat ze niet zonder meer samenvallen.

 

,,In ‘De inwendige’ ben ik dichter bij mijn eigen werkelijkheid gebleven dan in mijn andere drie romans. Het onderwerp grijpt mijzelf nogal aan omdat het zoveel persoonlijke raakvlakken heeft. Maar het blijft een reconstructie. Ik heb wel veel eigen herinneringen gebruikt, maar die zijn toch vaak vaag, verwrongen in de tijd of ze zijn door nieuwe informatie ingekleurd. Veel scènes zijn samenballingen van verschillende gebeurtenissen.’’

 

Alma’s eetproblemen zijn relatief mild van vorm.

,,Hoe je haar eetprobleem precies moet typeren, weet ik niet, leuk is het in elk geval niet. Het zit niet in het extreme, nee, maar ze wordt er in haar dagelijks bestaan wel ernstig door gehinderd. Ik denk dat dit voor veel mensen herkenbaar is. Extreem is bijvoorbeeld anorexia, wat levensbedreigend kan zijn. Daarnaast heb je mensen die ongecompliceerd een hap in hun mond kunnen steken zonder daarover na te hoeven denken. Dat is bij mannen misschien meer het geval. Die gaan vaker drinken als ze problemen hebben.’’

 

VERSLAAFD AAN CHOCOLA

 

De hoofdpersoon van ‘De inwendige’ is verslaafd aan chocola.

,,Er schijnen mensen te zijn die niet van chocola houden, maar je komt ze bijna nooit tegen. Er is iets met chocola… iets daarin wekt het verlangen op om nóg meer chocola te eten. Misschien heeft chocola in de verte iets van moedermelk. Het is vrij zoetig, het smelt zo in je mond. Er schijnen allerlei chemische stoffen in te zitten die iets prettigs opwekken. Ja, de troost die chocola kan geven ken ik heel goed. Maar gelukkig heb ik dat nu niet meer. Zo zijn er natuurlijk veel meer etenswaren waarvan je zou willen blijven eten. IJs, chips. Pringles drijven op dat effect, ik heb er eentje in mijn mond, hé, da’s lekker, daar wil ik er nog wel een van. Andere etenswaren hebben dat effect helemaal niet. Bij rijst met linzen denk je na één bord: dat was leuk maar ik heb nu wel weer genoeg.’’

 

Behalve een scherp psychologisch portret van een op eten gefixeerde vrouw geeft het boek een mooi beeld van de veranderingen in eetgewoonten in Nederland van de jaren zestig tot heden. ,,In mijn jeugd was er sprake van een soort karigheid en duidelijke regels. Dat is geleidelijk aan veranderd. We zijn nu op een veel lossere manier met eten bezig. Ieder doet het op z’n eigen manier, iedereen maakt zijn eigen gerecht.’’

 

Het proza van ‘De inwendige’ ontwikkelt zich soepel mee met de leeftijd van de hoofdpersoon. Als het kind aan het woord is, gebruikt Slot korte zinnetjes, staccato. De volwassen vrouw bedient zich van een vloeiender stijl. ,,Ik wilde die obsessie voor eten op een heel zintuiglijke manier in kaart brengen. Neem het proeven. Hoe kun je smaaksensaties in woorden oproepen? Dat is heel moeilijk, het zijn fysieke gewaarwordingen. Ik heb geprobeerd om wat je dan ervaart, eerst als kind, later als volwassene, in woorden naar boven te halen.’’

 

HECHT GECOMPONEERD BOEK OVER RELATIES

 

De verhouding van de hoofdpersoon tot anderen wordt in het boek mondjesmaat aangestipt. Gaandeweg kom je in het hecht gecomponeerde boek meer te weten over haar familie, vrienden en (seksuele) relaties, eerst met jongens, later met vrouwen. ,,Dat is de consequentie van de opzet waarvoor ik heb gekozen. Ik wilde uitsluitend scènes schrijven waarin iets met eten gebeurt. Mensen verschijnen en verdwijnen daarin zoals dat in het leven gaat.’’

 

Diepe eenzaamheid bevangt de hoofdpersoon als ze op zichzelf gaat wonen.

,,Uit huis gaan is lastig, de overgang is groot. Je moet op eigen benen staan. Maar heb je wel genoeg geleerd over hoe je jezelf moeten voeden? Als de basis niet helemaal goed blijkt te zijn geweest, kan dat heel problematisch zijn. Dat zie je bij Alma ook gebeuren. Ze draagt een soort geheim met zich mee waarvoor ze zich schaamt. Dat creëert per definitie eenzaamheid. Daar wil je niet over vertellen en dat schept nog meer afstand tot anderen. De oplossing voor de eenzaamheid creëert nóg meer eenzaamheid.’’

 

,,Eten kan niet troosten. IJs neemt geen pijn weg. Delen met een ander, dat kan wel’’, wordt aan het einde van het boek vastgesteld. Pauline Slot:

,,Eten heeft voor veel mensen een troostende functie, met het achterliggende idee: dan zorg ik in elk geval goed voor mezelf, want van anderen hoef ik niks te verwachten. Het is moeilijk om te stoppen als je jezelf geen grenzen weet op te leggen. Eten krijgt dan een geheel andere betekenis, het moet eenzaamheid verlichten of pijn verzachten. Ik weet maar al te goed hoe dat gaat. Je proeft even iets fijns, daarna houdt het op. Het lost niets op. Voor troost of je niet eenzaam voelen heb je toch andere mensen nodig.’’

 

DE AMERIKAANSE CONSUMPTIECULTUUR

 

Desondanks valt het niet altijd mee om de verlokkingen te weerstaan. Het aanbod is immens, de geuren verleidelijk, de porties worden steeds groter alsof de Amerikaanse consumptiecultuur ons steeds meer in zijn greep krijgt.

,,Al denk ik dat wij daarin minder extreem zijn en hopelijk blijven. Toch neemt de grootte van de porties ook bij ons toe. Op Utrecht CS bestelde ik laatst koffie. Wilt u klein of normaal, werd me gevraagd. Dat is absurd. Je bent geneigd om ‘normaal’ te zeggen, want we willen allemaal normaal zijn en klein klinkt meteen zo petieterig. Intussen weet ik dat klein al heel groot is. Koffie klein krijg je in een behoorlijk grote beker, dat is meer dan genoeg. In Amerika is dat nog veel erger. Vroeger had je er Chocolate chip cookies, dat waren gewoon kleine koekjes, nu zijn het al haast pannenkoeken. In Keulen zag ik laatst Starbucks en de muffins waren er enorm groot. En kijk eens naar onze snoepautomaten. Je kunt alleen nog maar enorme snickers en kitkat krijgen. Iets kleins kan al niet meer.’’

 

Zelf heeft Slot allerlei trucjes bedacht om de honger of lekkere trek te stillen.

,,Ik ga nooit meer ergens naartoe zonder dat ik iets lekkers of gezonds bij me heb. Zelfdiscipline helpt. Maar ook het besef dat eten vooral brandstof is en niet allerlei andere functies kan vervullen. Zo zorg ik ervoor dat ik niet door bepaalde impulsen gedreven word. Ik vind het niet fijn om een vette hamburger te eten, dat voelt gewoon heel naar. Als je je daar bewust van bent, word je minder snel in verleiding gebracht.’’

 

Pauline Slot: ‘De inwendige’, roman, 270 blz, 18,95 euro. Uitgeverij De Arbeiderspers.

 

Januari, 2007

UA-37394075-1