Nico de Boer Teksten

Nico de Boer Teksten

Beweeg over de plank met de pijltjes op het toetsenbord, of zoek direct op een titel of auteur:

Petra Laseur staat op haar 72e nier af: ‘Je vergeet de pijn als het over is’

Actrice Petra Laseur stond in de zomer van 2011 vrijwillig een nier af. Aanvankelijk hield ze het voor zich. Een half jaar later wil de 72-jarige toneelspeelster wel haar ervaringen kwijt. ,,Toen ik de bedankbrief kreeg, was het tranen met tuiten.”

 

In welhaast blakende gezondheid speelde de grande dame van het Nederlandse toneel laatst koningin Wilhelmina in de door kritiek en publiek bejubelde ‘Soldaat van Oranje, de musical’, die wegens overweldigend succes prolongatie op prolongatie beleeft. Het is de actrice niet aan te zien dat ze nog niet zo lang geleden een ingrijpende operatie onderging tussen haar rol in de spraakmakende ‘Richard III’ (met Gijs Scholten van Aschat) door toneelgroep Orkater en haar rol van Wilhelmina.

Begin 2011 besloot ze anoniem een nier af te staan. Na een intensieve screening werd zij geschikt bevonden voor donatie. ,,Je wordt helemaal binnenstebuiten gekeerd. Men wil graag weten of die nieren goed zijn. Alles wat je hebt wordt nagekeken en onderzocht omdat je gezond moet zijn. Nou, dat was ik, gelukkig.”

Petra Laseur ziet er frêle maar vitaal uit. Beweeglijke handen. Heldere, dwingende blik. We zitten, omringd door boeken en schilderijen, tegenover elkaar aan de lange tafel in haar huis in de Amsterdamse tuinstad Buitenveldert. Het interieur ademt rust, verstilde tijd en tegelijk reuring. Hier woont ze al 42 jaar. ,,Ja, ik ben ontzettend saai wat dat betreft, het is mijn derde huis in mijn leven.”

 

,,Pas toen ik was goedgekeurd, heb ik het ze gezegd. Ze reageerden nuchter en redelijk. Niet héél enthousiast. Ze zeiden ook niet, nee, moeder, dat moet je niet doen.”

 

In januari ging ze ‘de molen in’. Haar twee zonen van rond de vijftig had ze aanvankelijk niets verteld. ,,Pas toen ik was goedgekeurd, heb ik het ze gezegd. Ze reageerden nuchter en redelijk. Niet héél enthousiast. Ze zeiden ook niet, nee, moeder, dat moet je niet doen. Achteraf hoorde ik dat ze het niet zo heel leuk hadden gevonden. (Lacht) Ze hebben hun bezorgdheid goed voor mij verborgen weten te houden.” En anderen in uw directe omgeving? ,,Nou ja, sommigen tikten op hun voorhoofd en zeiden, je lijkt wel gek, doe niet zo belachelijk. Anderen zeiden: goed idee. Dat je dit durft.”

Kinderpartijtje

Hoe komt iemand ertoe om tot zo’n ingreep te besluiten? Een directe aanleiding was er niet, vertelt ze. Er was geen familie of kennis die acute hulp nodig had. ,,Maar er zijn dingen die in je leven blijven hangen. Zoals een vriendinnetje van mijn jongste zoon. Toen ze drie was kwam ze hier spelen op een kinderpartijtje. Haar moeder zei tussen neus en lippen: ze moet wel voorzichtig zijn, ze heeft één nier. Waarom weet ik niet, maar die zin is mij altijd bijgebleven. Die vrouw met één nier is nu vijftig en heeft kinderen.”

Ja, en verder had ze met veel plezier het boek ‘Samaritaan’ van A.H.J. Dautzenberg gelezen, over iemand die zijn nier poogt te doneren maar gemangeld wordt tussen formaliteiten en bureaucratische regels. De ‘klap op de vuurpijl’ was de veelbesproken donorshow van BNN. ,,Daar heb ik gefascineerd naar zitten kijken. Dat dialyseren bestaat, is natuurlijk fantastisch, maar tegelijkertijd zo treurig voor die mensen, die de gang naar het dialysecentrum moeten maken.”

 

,,Dit is iets waarbij je wel wat voor iemand kan doen. Ik had vorig jaar een heel rustig seizoen, wat niet zo gek is op mijn leeftijd, en op een dag kwam die gedachte in me op.”

 

Ruim achthonderd mensen in Nederland wachten op een donornier. Het aantal ‘levende’ nierdonoren stijgt jaarlijks. ,,Er zijn natuurlijk ontzettend veel chronische ziektes die je raken, maar daar kan ik persoonlijk niks voor doen behalve doneren in de collectebus. Maar dit is iets waarbij je wel wat voor iemand kan doen. Ik had vorig jaar een heel rustig seizoen, wat niet zo gek is op mijn leeftijd, en op een dag kwam die gedachte in me op.”

Gezond

Maar een nierdonatie op uw leeftijd? ,,Juist dan!” reageert ze fel. ,,Ik ben alleenstaande, ik ben weduwe en ik ben 72. Dus ik ben in het laatste deel van mijn leven. Mijn kinderen zijn groot. En, zal ik maar zeggen, ik had er de tijd voor. Je moet het niet doen als je een gezin hebt met drie kinderen, tenzij het natuurlijk een van je kinderen betreft. Het is heel persoonlijk. Er zijn mensen die grillen van operaties. Ik ben mijn leven medisch gezien behoorlijk netjes doorgekomen, ik heb geen klagen gehad. Ik voel me ontzettend gezond.”

Haar nier ging naar de operatiekamer naast de hare. ,,Daar ligt dan de persoon die de nier ontvangt. Verse waar – beter kun je niet hebben!” Donor en ontvanger hebben elkaar nooit ontmoet en zullen elkaar ook nooit ontmoeten. ,,Het is anoniem. Dat is protocol. Ik weet dat het een hij is en hij weet dat ik een zij ben. Ik heb wel gevraagd of ze hem niet willen vertellen hoe oud ik ben. Dan denkt hij misschien, gadverdamme, wat moet ik met zo’n ouwe nier.”

 

,,Na vijf weken kreeg ik zo’n dankbrief. Nou, ik kan je vertellen: tranen met tuiten.”

 

Dat er nu iemand met haar nier door het bos kan wandelen vindt ze een mooie gedachte. ,,In het ziekenhuis was mij verteld: het enige wat je er ooit voor terug kunt krijgen is dat de ontvanger je op een dag een brief schrijft, anoniem. Na vijf weken kreeg ik zo’n dankbrief. Nou, ik kan je vertellen: tranen met tuiten. Dat was zo leuk, zo ontroerend. Fantastisch, ja, echt heel bijzonder. Daar was ik intens gelukkig mee.”

Ze stond ook stil bij de risico’s. ,,Het is een stevige operatie. En aan iedere operatie zitten risico’s en alle operaties lopen anders af.” Maar: ,,Je krijgt geen dieet opgelegd. Je hoeft geen pillen te slikken. De ontvanger moet pillen slikken, zijn leven lang tegen het afstoten. De donoren niet. Het enige is dat je moe bent omdat de nier die je nog hebt het werk voor twee moet gaan doen. Dat moet ie leren.”

Nazorg

Haar enige klacht is de nazorg. ,,Als je het ziekenhuis uitgaat is het nu: poppetje gezien, kastje dicht. Daar heb ik aan moeten wennen. Je gaat heel intensief om met de chirurg, de coördinatrice, de nefroloog, maatscappelijk werker. Je bent een van het team, zeg maar. Dan ga je het ziekenhuis uit na vijf dagen en je doet niet meer mee. Dat vond ik schokkend. Natuurlijk, ik begrijp het wel, die mensen moeten verder. Er komen nieuwe klanten, maar zo nu en dan een telefoontje… Je moet, vind ik, een soort van contact houden.”

Ze zou het fijn vinden als haar verhaal mensen tot nadenken stemt. ,,Ik had een uitgebreid gesprek met de Nierstichting. Ik zei: zet mij maar in waarvoor je me hebben wilt. Ik wil er wel een verhaal over houden. Als dat mensen op een idee brengt is dat mooi meegenomen.” Als een soort ambassadrice? ,,Waarom niet? Al ga ik niet op de markt staan roepen: geef weg die nier.”

December, 2011

 

Petra Laseur groeide

op in een toneelfamilie

 

Petra Laseur (1939) groeide op in een grote toneelfamilie. De dochter van de legendarische actrice Mary Dresselhuys en bevlogen theatermaker Cees Laseur wist niet beter. ,,Door mijn ouders was iedereen mijn oom en tante. Ik kende iedereen in die wereld.”

Het bepaalde haar toekomst: ,,Min of meer ja. Ik was geen heldin op de middelbare school. Mijn moeder zei: als je van school komt ga je meteen door naar de toneelschool. Dat heb ik gedaan. En dat was maar goed ook. Ik heb het daar erg leuk gehad.”

Op haar negentiende was ze aan het toneel. Ze speelde in de afgelopen 52 jaar bij ongeveer alle toneelgezelschappen die ertoe deden in zowel klassiek als modern repertoire, en acteerde in films en tv-series. Ze ontving twee keer de Theo d’Or, de belangrijkste toneelprijs voor actrices. De eerste keer in 1972 als Hedda Gabler in de gelijknamige klassieker van Henrik Ibsen, de tweede keer in 1981 voor haar hoofdrol in ‘Groot en klein’ van Botho Strauss.

 

 

 

UA-37394075-1