Nico de Boer Teksten

Nico de Boer Teksten

Beweeg over de plank met de pijltjes op het toetsenbord, of zoek direct op een titel of auteur:

Philip Roth, ‘Het complot tegen Amerika’

Wat zou er gebeurd zijn als in 1940 in plaats van Franklin D. Rooseveldt diens Republikeinse opponent de vliegtuigpionier en antisemiet Charles Lindbergh de Amerikaanse verkiezingen had gewonnen? En in de Verenigde Staten een ’fascistische orde’ aan het bewind was gekomen?

Die vraag stelt de Amerikaanse schrijver Philip Roth (1933) zich in zijn zesentwintigste boek ’Het complot tegen Amerika’ (2004), waarin hij de geschiedenis naar zijn hand zet.

Een antisemitische vliegtuigpionier

Iedereen stelt zich wel eens voor hoe bepaalde dingen in het leven een andere loop zouden hebben genomen als er niet dit of dat gebeurd zou zijn. Tegelijk is het een tamelijk zinloze bezigheid, de loop van de geschiedenis valt immers niet te veranderen, al zullen er altijd mensen zijn die de waarheid proberen te verdraaien. Zo zijn er mensen die – tamelijk onschuldig – menen dat het onmogelijk is dat een mens een stap op de maan heeft gezet. Zoals er, wat kwalijker is, nog altijd hardleerse revisionisten zijn die beweren dat de holocaust een verzinsel is.

In Roths roman – met op de omslag een geniepig klein hakenkruis – is die omkering van de feiten niet zomaar een spel met de verbeelding. De schrijver was als kind uit een joods gezin écht doodsbang dat de verkeerde mensen de macht in het land zouden grijpen, waardoor ook in de VS de joden vervolgd zouden worden. Dat zijn keuze op Lindbergh is gevallen, is niet voor niets. Lindbergh, die in 1927 wereldfaam verwierf door als eerste de Atlantische Oceaan over te vliegen, was in de jaren dertig een bewonderaar van Hitler. Hij was de voorman van de beweging America First die de VS buiten de oorlog wilde houden, hij was een antisemiet die ijverde voor het ’blanke ras’ en de communisten vreesde. In werkelijkheid, anders dan in Roths roman, won Rooseveldt in 1940 voor de derde keer de verkiezingen met achteloos gemak van de veel gematigder Wendell Wilkie. En heeft Lindbergh nooit een dergelijke politieke hoofdrol geambieerd.

Dat het Roth toch gelukt is om zijn omkering van de geschiedenis aannemelijk te maken, komt doordat hij tegelijk dicht bij de historische werkelijkheid blijft. Rode draad daarin is het wel en wee van het ontwrichte gezin Roth, gezien vanuit het perspectief van de hoofdpersoon, Philip genaamd, die terugkijkt op een traumatische jeugd in een beangstigende wereld. Dat maakt het boek niet alleen sterker, maar ook beklemmender. Wat in Duitsland indertijd kon gebeuren, had ook hier plaats kunnen hebben, wil Roth maar zeggen. Weliswaar zou het fascisme zich anders ontwikkelen, de terreur zou er niet minder om zijn.

Het Amerika van na 11 september

Roth vertelde in interviews dat hij met zijn boek geen link naar de huidige politieke situatie in de VS wilde leggen. Toch kun je her en der in het boek, zij het verdekt, verwijzingen ontdekken naar het Amerika van na 11 september, waarin de angst regeert, burgerrechten gaandeweg worden ingeperkt en de politieke elite veel weg heeft van de regering Bush. In de joodse roddeljournalist Walter Winchell, die een eenmansstrijd voert tegen Lindbergh, kunnen we moeiteloos Michael Moore herkennen, die onder meer met zijn spraakmakende documentaire ’Fahrenheit 9/11’ probeert te verhinderen dat Bush jr wordt herkozen. Roth heeft er zelf trouwens nooit een geheim van gemaakt dat hij Bush en consorten een ramp voor zijn land vindt. Zo merkte hij in een recent interview op dat hij Bush jr nog niet eens in staat acht om een gereedschapswinkel te bestieren, laat staan het machtigste land ter wereld.

Philip Roth werd eind jaren zestig op slag beroemd door zijn ’Portnoy’s klacht’. In de jaren zeventig maakte hij furore met een reeks Zuckerman-romans. In de jaren tachtig deed zijn roman ’Operatie Shylock’ veel stof opwaaien. In de jaren negentig, toen hij min of meer was afgeschreven, sloeg hij toe met een trilogie over de Amerikaanse geschiedenis. Op 71-jarige leeftijd komt Roth, al jaren genoemd als dé kandidaat voor de Nobelprijs voor de literatuur, met een weergaloos boek waarmee hij opnieuw bewijst tot de schrijvers te behoren die er écht toe doen.

Philip Roth: ’Het complot tegen Amerika’. Vertaling Ko Kooman. Uitgeverij Meulenhoff. 430 blz.

Oktober, 2004

 

UA-37394075-1