Nico de Boer Teksten

Nico de Boer Teksten

Beweeg over de plank met de pijltjes op het toetsenbord, of zoek direct op een titel of auteur:

Renoir, het impressionisme voorbij

Pierre-Auguste Renoir (1841-1919) gooide op het toppunt van zijn roem het roer om. De documentaire ‘Renoir, het impressionisme voorbij’ van Cathie Lévy gaat over een onderbelichte periode van de Franse meester, die met zijn reumatische handen tot aan zijn laatste snik bleef schilderen.

 

Schilderen met aan handen gebonden penselen

Op de schilderijen van de Franse impressionisten als Renoir, Monet, Degas en Manet, de door licht en kleur bezeten schilders die ooit als revolutionaire lastpakken werden gezien, lijkt het altijd zomer. De geportretteerden koesteren zich in het warme licht van de julizon. Nergens in de kunst is het Franse buitenleven zo verleidelijk verbeeld als in het impressionisme, dat nog altijd de populairste kunststroming uit de geschiedenis is.

Renoir werd vooral dankzij zijn vrouwenportretten in zachte tinten en zijn weelderige naakten een van de meest geliefde impressionisten, meer nog bij het grote publiek dan bij de kenners. Bij hem is het feest vaak nog volop aan de gang, op zonovergoten picknicks en partijen aan rivieroevers met roeiers, gracieuze dames en geamuseerde heren. Renoir schilderde vrouwen zoals hij ze het liefst zag, voluptueus met een crèmekleurige huid. ,,Ik schilder met mijn roede,” schijnt de schilder ooit gezegd te hebben, en dan te bedenken dat Renoir volgens zijn zoon Jean, de beroemde filmmaker, tamelijk preuts was.

‘Renoir, het impressionisme voorbij’ legt het accent op de periode waarin de schilder zich rond zijn vijftigste vestigde in de Zuid-Franse kustplaats Cagnes-sur-Mèr. Volgens Jean verloor zijn vader zijn hart ‘aan dit stadje, zoals je dat doet aan een meisje van wie je altijd gedroomd hebt en dat je voor je voordeur vindt nadat je de hele wereld over gereisd bent’. Op het moment dat Renoir naar het zuiden uitweek, stond hij op het toppunt van zijn roem. Al was de weg ernaartoe allerminst vlekkeloos verlopen. Neem ‘Naakt in de zon’ (1875), een nu bewonderd doek van een in licht badend jong vrouwelijk naakt met ongekamde haren dat de sensatie van een zonbestoven zomerdag oproept. De kritiek was indertijd vernietigend: ‘Probeer Monsieur Renoir maar eens uit te leggen dat een vrouwentorso niet een massa vlees in verregaande staat van ontbinding is,’ schreef de criticus van Le Figaro.

De kritiek verstomde en maakte plaats voor adoratie, al konden roem en succes niet voorkomen dat Renoir ten prooi viel aan depressies. Hij had de grenzen van het impressionisme bereikt en twijfelde aan zijn talent. Het waren kortstondige inzinkingen. Intussen had hij het pad geplaveid voor aanstormende talenten als Bonnard, Matisse en Picasso en zo een brug gelegd tussen de 19e- en 20e-eeuwse schilderkunst.

En terwijl zijn bewonderaars om ‘baadsters’ smeekten, sloeg Renoir nieuwe wegen in zonder de oude te verloochenen. Hij putte inspiratie uit het werk van Rubens, Titiaan en Vélazquez en schilderde tussen 1903 en 1907 onder meer doorschijnende naakten op kussens die aantoonden hoe goed hij zijn idolen bestudeerd had. Zijn ziekte had hem toen al in de greep. Vanaf 1910 was hij aan een invalidenstoel gekluisterd en stonden zijn vingers krom van de reuma. Hij moest door twee mensen gedragen worden. De penselen liet hij aan zijn geteisterde handen binden om toch te kunnen schilderen.

De film toont werk van Renoir en dat van zijn artistieke helden en jonge bewonderaars, en schetst aan de hand van brieven een portret van de kunstenaar. Een van de opmerkelijkste beelden is een schokkerige filmopname uit het begin van de vorige eeuw van de meester zelf, met aan elke hand een penseel. Een schrale figuur als een oude monnik, die bezeten aan het werk is en nu en dan een schuwe blik naar de camera werpt.

 

Februari, 2011

UA-37394075-1