Nico de Boer Teksten

Nico de Boer Teksten

Beweeg over de plank met de pijltjes op het toetsenbord, of zoek direct op een titel of auteur:

Victor Löw en ‘De aanslag’: ‘Waar Anton is, is er geweld’

Eind oktober 2010 overleed Harry Mulisch. Nog geen drie maanden later is een van zijn grootste successen, ‘De aanslag’, in het theater te zien. Een toneelstuk over goed en fout, schuld en boete. ,,Overal is geweld,” zegt Victor Löw die de hoofdrol speelt. ,,Ook in onszelf, maar dat heb je zelf niet in de gaten.”

 

De toneelbewerking komt bijna een kwart eeuw na de succesvolle verfilming van Mulisch’ roman uit 1982 die, geregisseerd door Fons Rademakers, in 1987 een Oscar won voor de beste buitenlandse film. Dat de toneelvoorstelling zo kort na de dood van de schrijver is te zien, is zuiver toeval. ,,Kan ook niet anders. Anderhalf jaar van tevoren moeten de schouwburgen immers worden geboekt,” zegt Victor Löw, bij wie het personage van Anton Steenwijk inmiddels is ‘ingedaald’.

Al ging dat niet zonder slag of stoot, bekent hij. ,,Het is een hel,” zegt de acteur, vlak voor een repetitie. ,,Paniek, de eerste twee weken. Wanhoop. Meteen. Ellende. Ik ken de tekst dan nog niet. Jongens, waar gaat dit over? Kunnen we dit wel?”

Is dat niet gespeeld? ,,Het gaat over. En nee, het is niet gespeeld. Het is ook wel opgebouwde techniek. Aan het eind van de werkperiode is de paniek weg. Want dat zou nergens opslaan. Dan moet je gewoon voor de mensen gaan spelen.”

‘De Aanslag’, of ‘De geschiedenis van een voorval’, zoals de ondertitel luidt, begint in januari 1945 met een aanslag op een NSB’er. Zijn lijk wordt versleept en voor het huis van het Haarlemse gezin Steenwijk neergelegd. De ouders en de oudste zoon worden door de Duitsers opgepakt en gefusilleerd. De 12-jarige Anton ontspringt de dans en wordt de rest van zijn leven achtervolgd door de schuldvraag. Na de oorlog ontmoet hij tijdens vier mijlpalen van de naoorlogse geschiedenis overlevenden van toen en de nazaten van vermeende schuldigen, met als conclusie dat niemand en iedereen (on)schuldig is. ,,De mensen die hij na de oorlog tegenkomt gaan zich tegenover hém verantwoorden. Alsof hij een moreel oordeel over ze heeft, wat hij niet heeft. Maar de schuldvraag zit in iedereen die hij tegenkomt,”

 

‘Ik ben altijd wat geïntimideerd

geweest door de figuur Harry Mulisch.’

 

Voordat Löw aan deze productie begon, had hij een ambivalent gevoel over Mulisch. ,,Ik kende ‘De aanslag’ als imago,” licht hij omzichtig toe. ,,Als een van zijn twee grootste successen, naast ‘De ontdekking van de hemel’. Ik ben altijd wat geïntimideerd geweest door de figuur Harry Mulisch. Hij was al zo lang een fenomeen. Toen ik jong was, was hij voor mij een heel belangrijke meneer, zo iemand die door de wereld flaneert. Een speler. Ik kwam hem een paar maanden voor zijn dood op straat tegen, in gezelschap van zijn dochter. Ik hield hem aan. Zei: ‘Ik ben Victor Löw en ga ‘De aanslag’ doen.’ Toen straalde hij, werkelijk. Maar hij zei niks, en zijn dochter zei: ‘Nou, leuk.’ Zij was ook wel wat overrompeld. Ze zei: ‘We komen kijken.’ Mulisch zei verder niks. Bleek dat hij niet kón praten vanwege zijn ziekte. Dat wist ik niet. Enkele maanden later was hij overleden.”

Volgens Löw is er door de dood van de schrijver wel degelijk iets veranderd. ,,Tijdens het leven van de dandy en schrijver-speler weet je niet wat wel en niet waar is, van die verhalen over vrouwen, over zijn veroveringen en zijn opmerkingen, zoals die over kanker van, ‘ach, dat los ik wel even op’, en ‘ik ben onsterfelijk’, en zo voorts. Door zijn overlijden is het spel gestopt en blijft het werk over. En dat wint daardoor aan kracht, aan gevoel. Omdat je je niet meer hoeft te verhouden tot die belangrijke meneer.”

 

De aanslag’ is een typisch mulischiaans boek:

kristalhelder en tegelijk complex, met al zijn

levensvragen, literaire en mythologische verwijzingen.

 

Dat Mulisch’ roman zo populair was en is, heeft te maken met het thema, de vernuftige intrige en de trefzekere pen waarmee het geschreven is. Maar ook met de spanning, waarbij het niet draait om de vraag wie het gedaan heeft maar wáárom het gebeurd is. ‘De aanslag’ is een typisch mulischiaans boek: kristalhelder en tegelijk complex, met al zijn levensvragen, literaire en mythologische verwijzingen. De Tweede Wereldoorlog is de arena waarin het verhaal zich ontrolt.

De thema’s (nood)lot en toeval vormen een rode draad – het gegoochel met symbolen als dobbelstenen is niet toevallig – en stemmen tot nadenken. Ook in relatie tot het dagelijks leven. Löw geeft een voorbeeld: ,,Ik herinner me het verhaal van een jongen die een sigarenwinkel verliet. Twee Marokkaanse jongens probeerden een scooter te stelen. Hij zei er iets van en toen sloegen ze hem dood. Ik weet nog dat er schande van gesproken werd omdat een van de ouders van de jongens had gezegd: ‘Het was Gods wil.’ Ja, denk je dan, voed je kinderen op! Ik ben er toen over gaan nadenken. Die mensen waren kapot en hebben het bijna huilend gezegd. Als je het van een afstandje bekijkt, had het ook heel anders kunnen aflopen. Stel dat een van die twee jongens ziek was geweest. Hadden ze misschien niet bij die scooter gestaan. Of dat het slachtoffer een kwartier eerder of later de winkel was ingegaan.”

Anton Steenwijk probeert de boze buitenwereld op afstand te houden. Buiten woedt de oorlog die ‘er altijd geweest was en er altijd zou zijn’. Maar: ‘In zijn dromen was het altijd vrede,’ schrijft Mulisch. ,,Als ik dat lees,” zegt Löw, ,,denk ik, mán, wat is dat ontroerend.” Maar, voegt hij er meteen aan toe, waar Anton is, is er geweld. ,,En dat is voor ons allemaal zo. Overal is geweld, ook in onszelf. Dat heb je zelf niet in de gaten. Toen het zo glad was, zag ik een paar keer iemand op zijn muil gaan. En daar werd door omstanders keihard om gelachen. Ik had als kind zo’n elementaire ervaring. Als kind val je vaak. Als je heel klein bent, heb je daar bijna geen last van. Alles is soepel. Ik was wat ouder, een jaar of vier, vijf. Ik viel, en au!, de vloer geeft niet mee. Voor het eerst ervoer ik die pijn. En ik hoorde dat er gelachen werd. Ik werd uitgelachen. Dat vond ik raar. Ik had pijn en er werd gelachen.”

,,Ontploffende auto’s, mensen die elkaar doodschieten, overhoop steken met messen, elkaar op het gezicht slaan, verkrachtingen. Dat noemen we geweld. Als we het over geweld hebben, gaat het vooral over het grote leed. In mijn gedachten keer ik terug naar de bron. Dat bij mensen heel vaak compassie of mededogen niet de eerste gedachte is als iemand anders iets overkomt, maar dat zoiets jou maar niet overkomt. Het paradoxale van de mens is dat hij alles samendoet omdat we niet alleen kunnen leven. En tegelijk bestrijden we elkaar en voelen we vreugde over het vallen van een ander. En die vreugde over het vallen van een ander is de essentie van geweld, denk ik. En het denken daarover, dat roept Mulisch allemaal op met ‘De aanslag’.”

 

Voorstelling ‘De Aanslag’ naar het boek van Harry Mulisch. Door Bos Theaterproducties. Regie: Ursul de Geer. Bewerking: Léon van der Sanden. Spel: Victor Löw, Peter Bolhuis, Marjolein Ley, Nelleke Zitman en Ayal Oost.

 

Victor Löw

 

Victor Löw (1962), getrouwd met actrice Mirjam de Rooij, is een veelzijdig en gelauwerd acteur die zijn theaterwerk afwisselt met film en televisie. Voor zijn rol van Soekarno (1996) bij Het Nationale Toneel werd hij bekroond met de Louis d’Or, de belangrijkste acteursprijs. Veel succes bij kritiek en publiek had hij in 2005 met de solovoorstelling ‘De redenaar’, over een man die zijn identiteit ontleent aan toespraken van de groten der aarde. In 2010 speelde hij met Linda van Dyck in de theaterhit ‘Oog om oog’, die de Toneel Publieksprijs won. Hij speelde in de films ‘Antonia’(1995) en ‘Karakter’ (1997), die beide een Oscar wonnen. Voor zijn rol als de crimineel Jack in de misdaadthriller ‘Lek’ (2000) ontving hij een Gouden Kalf. Bij het grote publiek dankt hij zijn bekendheid aan de tv-series ‘Tijd van leven’ (1996), ‘Kees & Co’ (2004-2007) en ‘Voetbalvrouwen’ (2007). Drie seizoenen achtereen was hij te zien in de populaire comedy ‘We gaan nog niet naar huis’, waarin hij de onhandige maar innemende eigenaar van een Bed & Breakfast op Texel speelt.

 

Januari, 2011 

UA-37394075-1